#235 Het weekend

Het weekend is begonnen. Ik ben te laat met schrijven, alweer, en had met enig gemak nog een uurtje extra in bed kunnen blijven liggen, zodat ik half gebroken aan deze dag had kunnen beginnen en vanmiddag had kunnen concluderen dat ik te lang in bed ben blijven liggen. Niks is minder waar, de sous-chef en de mini-chef in haar buik geven aan dat ze wel zin hebben in pannenkoeken.

Photo by Bernard Tuck on Unsplash

Ik stap het bed uit, zoek mijn telefoon, even kijken hoe laat de bus richting een heel ander onderdeel van het weekend vanmiddag ook alweer zou gaan, maar helaas, de batterij is leeg. Dat zoek ik straks wel op. Beneden in de keuken lijkt een klein bommetje ontploft, wat overigens best knap is, aangezien ik al twee dagen niet gekookt heb. Het blijkt vooral gezichtsbedrog, want na een minuutje dingen verplaatsen lijkt er weer wat orde te ontstaan. Ik zoek de bloem, de eieren en de melk bij elkaar en steek de mixer in de schaal met beslag.

De sous-chef snijdt ondertussen een stengel bleekselderij en een aardappel op voor de luid tokkende Linda, Roos en Jessica in de tuin. Ze zijn al snel gewend geraakt aan het feit dat ze in de ochtend wat extra’s te eten krijgen. Ze komt met een mooie lach op haar gezicht terug naar binnen en vraagt of ik een ‘warm ei’ nodig heb voor het beslag. Doelend op het eitje in haar handen, wat één van de dames net heeft gelegd. Er zitten al genoeg eieren in het beslag, dus deze verdwijnt in de koelkast.

De eerste pannenkoek brandt wat aan en van mijn eigen creatie met tomaat, paprika en ui vliegt een plak tomaat tegen de achterwand van het fornuis terwijl ik hem omdraai. ‘Dat kan best eens traditie worden straks, pannenkoeken op zondagochtend’, doelend op het derde bordje wat dan bijgeschoven kan worden. ‘Het is zaterdag’, is mijn enthousiaste antwoord.

Zaterdag, met nog een heel weekend voor ons. Ik vind het een goed idee die pannenkoeken op zondag. Maar morgen nog even niet.

#232 Venkel

Nadat ik afgelopen zondagavond tijdens de autorit terug naar huis verslag deed van de inhoud van mijn winkelwagentje wat ik eerder die dag uit de Albert Heijn had gereden, proefde ik enige twijfel. Twijfel over één van de gerechten die ik bedacht had voor deze week, zorgvuldig samengesteld uit een aantal bonus-aanbiedingen. Het ging om de ingrediënten spinazie en venkel.

Samen zouden deze twee groenten het gerecht met de veelzeggende naam ‘spinazie-venkelsalade’ gaan vormen. Het gebrek aan enthousiasme kwam wellicht door een eerdere flater met een creatieve uitspatting waarin de knolgroente verwerkt was; venkelcarpaccio. Die is niet in de recepten top-100 terecht gekomen. Met enige voorzichtigheid begin ik vandaag dus bij thuiskomst, ik ben vroeg, vast met het marineren van de groenten die uiteindelijk samen een geheel moeten vormen.

De spinazie krijgt een flinke scheut van een grand cru olijfolie (verjaardagskadootje; lekker) en een draai peper. De radijsjes uit de kas die nog in de koelkast liggen kunnen er straks ook bij, die mogen eerst even in een badje van een andere olijfolie, een splash balsamico, sap van een halve citroen en een beetje zout en peper. De fijngesneden venkel krijgt een zelfde behandeling, alleen de balsamico blijft hier achterwege. Ondertussen vind ik naast de snijplank nog een halve komkommer, overblijfsel van vanochtend denk ik. Deze snijd ik vast op in de kom met spinazie.

Wanneer mijn tafelgenoot ook thuis arriveert, stel ik de salade verder samen en besluit er nog een granny smith in kleine blokjes in op te snijden. Pot met cashewnoten op tafel, die mogen er op het bord nog overheen. Eten maar, een schuin oog naar degene tegenover me en gelukkig smaakt het daar ook. Een frisse salade, passend bij het weer.

#225 Stinkende soep

Terwijl langzaam duidelijk lijkt te worden dat ik misschien mijn stukje over de gevallen koning voetbal alsnog moet herzien, zitten we hier naast elkaar allebei met een laptop op de bank. Ik omdat ik dit stukje aan het schrijven ben. De sous-chef omdat ik voetbal aan het kijken ben (maar eigenlijk toch niet helemaal).

Photo by Reinaldo Kevin on Unsplash

Op de tafel voor ons liggen naast mijn voeten al ongeveer een week lang de onderdelen van een ‘red-de-bijen-setje’ uitgepakt rond te slingeren en te wachten tot ze verder verwerkt worden. Nu bestaat dit eigenlijk uit niet veel meer dan een zakje zaad, maar blijkbaar is het ergens toch teveel moeite dit even in de tuin uit te strooien. Nu staan er in onze tuin genoeg bloemen en ook genoeg onkruid, maar ik moet eerlijk zeggen dat ik weinig beesten rond zie vliegen. Dat nieuws over die uitgedunde insectenpopulatie is dus ook hier zichtbaar.

Naast het zakje zaad, staan er nog de restanten van het diner van vanavond. Een lege kop soep, met daarin nog wat aangekoekte restanten, staand op een bord waarvanaf een cracker met kaas en tomaat naar binnen geschoven is. Die soep stond gister ook al op het menu en is zondag al in elkaar gedraaid. Het is een voedzaam soepje, ik vind er zelf niet zoveel mis mee.

Mijn mede-soepeter heeft echter haar twijfels, al zit hem dat niet in de smaak krijg ik te horen. Dit heeft vooral betrekking op de geur van het groene goedje. Want groen is hij. Dat krijg je wanneer je twee hele brocolli’s, inclusief stronk en drie stengels bleekselderij in verwerkt. Verder wat ui, knoflook, kruiden en uiteraard uiteindelijk bouillon en een klein aardappeltje voor de binding. Ik ruik niks geks, brocolli ruikt nu eenmaal naar brocolli, en dat ruikt dan weer naar bloemkool.

Zal het liggen aan de kleine schopper die zich af en toe al duidelijk met voorkomende zaken bemoeid? Zal ze het ruikvermogen beïnvloeden en staat brocolli op de zwarte lijst? Misschien. Of misschien stinkt het inderdaad en ben ik er minder vatbaar voor omdat ik er zondag al een uur in gestaan heb. De volgende keer maakt de sous-chef weer soep. De soep-chef.

#223 Geen pannenkoeken

Door en klein misverstand heb ik gisteren verzuimd pannenkoeken te bakken. De sous-chef is in de ochtend vroeg van huis gegaan in de veronderstelling dat ze na een lange cursusdag thuis zou komen terwijl er pannenkoeken op haar zouden staan wachten. Niks was minder waar.

Ik, mezelf ook bezighoudend met een andere cursus, bedacht me dat het wel weer eens lekker zou zijn een goede maaltijdsalade te maken. Er was immers wat teveel gekookte penne van vrijdag over, en een goede eerste radijsoogst vanuit de kas zou hier ook prima in passen. Volledig voorbijgaand aan dat er vrijdag inderdaad overeenstemming is bereikt over het feit dat er zaterdag pannenkoeken gebakken zouden worden, ga ik richting supermarkt voor de rest van de salade-ingrediënten. En dus niet voor spek, zoals eigenlijk de bedoeling was.

Terwijl ik een, al zeg ik het zelf, lekkere salade in elkaar gedraaid heb, stapt de sous-chef binnen om een tikkeltje teleurgesteld op te merken ‘geen pannenkoeken?’. Nee geen pannenkoeken. Wel salade. Ok, dat was even schakelen, maar zodra we met onze borden op schoot op de bank zaten, maakte de smaak van de salade weer een hoop goed. Alsmede de belofte dat ik dan morgen, vandaag dus, wel pannenkoeken zou bakken. Deze belofte is niet vergeten en bij het ontbijt is het dan ook meteen zover.

Ik stap mijn bed uit met een opdracht. Pannenkoeken bakken. Weliswaar zonder spek, maar dat geeft niet. Een beetje bloem, een paar eieren, een klots melk, snufje zout, mespuntje kaneel en ik vind ook nog wat koek/speculaas kruiden, ook daar gooi ik een beetje van in de kom. Mixer er in en een paar minuten mixen. Boter in de pan en bakken maar. Een zondags ontbijt, misschien nog wel een betere plaats voor pannenkoeken dan een zaterdags diner.

#202 Sfeerbeheer

Na een nacht diepe slaap en bijzondere dromen, een stevig ontbijt en drie bakjes espresso is het tijd voor de zondag. Die zondag begint buiten, het is warmer dan het er uit ziet en binnen de kortste keren verschijnen de eerste zweetdruppeltjes al op mijn rug en voorhoofd. Ik ben namelijk niet zomaar naar buiten gegaan. Er is een duidelijk doel. Dit doel hing al even in de lucht, maar eerdere verzoeken heb ik handig uit de weg weten te gaan omdat de materialen nog niet op orde waren.

Dat zijn ze nu wel en ook de benodigde stroomvoorziening is gisteren professioneel aangelegd door de huisklusser annex aanstaande opa en de opzichter. Diezelfde opzichter stond vandaag onderaan de ladder welke vanuit de garage kwam en de boom in ging. Bovenaan die ladder stond ik zelf met een prikkabel voorzien van nieuwe lampjes. Die lampjes zouden onze tuin moeten gaan voorzien van nog wat meer sfeer. Volgens de postbode gisteren zag het er allemaal al gezellig uit, maar het kan altijd beter. Het bleek een klusjes van niks en na wat bevestigingswerk met ijzerdraad in de boom en een klein gaatje in de buitenmuur van de garage, hing de kabel op zijn plaats.

Bij de eerste test bleek één van de lampjes het niet te doen, maar gelukkig had ik de ladder nog niet opgeruimd. Even aandraaien bleek genoeg en alles werkte naar behoren. Nu was het op dat moment een uurtje of twaalf in de middag, dus het deed verder nog niet heel veel voor de sfeer. Tijdens een verjaardag van een driejarige jonge held, die overigens verzandde in een onvervalste poolparty met de opa van dienst als volleerde badmeester, ontstond het spontane idee thuis even de barbecue aan te steken.

Een frequente tafelgenoot plofte samen met ons neer op de loungeset en de barbecue kon aan. Pinot Grigio in de koeler, Ekdom’s bbq-box op de achtergrond en de laatste uurtjes zondag verstrijken in alle rust. Wanneer de avond valt kunnen de kaarjes in de kroonluchter aan, een vuurtje in het buitenkacheltje zorgt voor wat warmte en de verse lampjes vanuit de boom maken het vakantiegevoel aan huis compleet.

Het leven is een feest, maar je moet zelf de lampjes ophangen.

#198 Sperziebonen en verse tomatensoep

Het was vandaag volgens mij nationale maaidag. De hovenier die de tuinen rondom het pand waarvanuit ik iedere dag opgeteld zeker een klein half uurtje naar buiten zit of sta te kijken bijhoudt, was de eerste die ik bezig zag vanochtend. De spandoeken die de bouw van een nog groter pand dan het huidige aankondigen, waren door een groenexplosie al enige tijd niet heel goed meer te lezen. Daar mijn werk redelijk veel bestaat uit zaken die voor iedereen zichtbaar zijn, zo ook deze spandoeken, komt me dat nog weleens op een opmerking links of rechts te staan.

Photo by Obed Hernández on Unsplash

De jongens met de groene vingers kwamen dus als geroepen en na een klein belletje naar een andere regelneef beneden, waren de doeken ’s middags weer zichtbaar. Iedereen blij. Op de weg terug naar huis fietste ik langs strak gemaaide bermen en grasvelden. Blijkbaar waren er meer maaiers op pad vandaag. Bijna thuis, fietsend langs wederom een glad grasmatje, zag ik een wat zieliger resultaat. Papa en mama ekster zaten beide een beetje beteuterd te kijken naar een jong ekstertje wat het niet bepaald meer leek te doen. Nu bouwen eksters volgens mij geen nesten op de grond, dus hoe het jong daar terecht is gekomen werd me niet helemaal duidelijk, maar dat hij niet aan de maaiarm heeft weten te ontkomen was wel vrij goed te zien.

Eenmaal thuis begin ik aan de sperziebonen die eigenlijk gisteren op het menu stonden. De worst is dus al op, dus ik ga deze keer voor een speklap. De favoriet van de sous-chef. Ik ben redelijk vroeg, dus tegelijkertijd wordt er ook een verse tomatensoep in elkaar geflanst. Zes pannen tegelijk op het vuur, plus een steamer die op volle toeren draait, het levert een lekkere temperatuur op. Zweten, eten en dan naar buiten, tijd om te maaien. Ook hier.

#195 Natte nasi

Deel twee van vandaag, de laatste zondag van mei. De laatste zaterdag van deze maand is door een fijne barbecue in Kerk-Avezaath te snel voorbij gegeaan alvorens ik een stukje kon tikken. Het bananenverhaal maakt dit uiteraard alleszins goed. Na een warme nacht zou het vandaag wederom een mooie dag worden. Althans, volgens de buienradars en weeronlines van deze wereld.

Photo by JanFillem on Unsplash

Er lag nog een verbouwd en inmiddels afgetimmerd terras te wachten op een nieuw likkie beits. Na wat laatste zaag- en schroefwerkzaamheden, werd een laatste restantje tuinbeits en bijbehorende kwasten uit de schuur getoverd en was het schilderen geblazen. Dit was echter van korte duur, het laagje uit de emmer was verre van toereikend om het hele ding van het kleurtje ‘reislustig’ te voorzien. Inmiddels werden de wolken steeds donkerder en dreigender en volgens dezelfde buienradar zou het best eens flink kunnen gaan regenen vanmiddag. Nu gaan beits en regen niet zo goed samen, maar dat deerde even niet. Het was immers nog droog en we moesten verder.

De korting was ver te zoeken vandaag, dus de beits werd duur betaald. Bij thuiskomst kon er nog net één laagje opgekliederd worden, voor er inderdaad een tijdlang een zooitje water uit de hemel kwam vallen. Chagrijn ten gevolg, klus niet geklaard. Bittere beits. Via een boodschappenronde dan maar richting het diner. Nasi moest het worden. Ingrediënten allemaal aanwezig. Hakken, snijden, fruiten, bakken. Rijst aan de kook. Pindasaus in elkaar flanzen. Af en toe beetje bijkruiden en roeren. Rijst erbij, eitje er door. Tempo maken. Weinig geduld en daardoor; natte nasi, het paste bij deze dag.

 

#193 Diner for one

Het zweet staat op mijn voorhoofd. Zo’n kas wordt best warm wanneer de zon zo schijnt als vandaag. Zeker wanneer je er een half uurtje gehurkt in de meest rare posities in doorbrengt. De stekjes kerstomaat, bloemkool en rode peper zijn groot genoeg om de grond in te gaan. De rest begint al aardig te groeien en ik begin zowaar te geloven dat ik dit jaar best eens wat zou kunnen oogsten. Niet te vroeg juichen natuurlijk, maar het begin is veelbelovend.

Veelbelovend was ook het menu dat ik gisteravond al in mijn hoofd in elkaar gedraaid heb. De sous-chef krijgt een voedzame, volgens mij vegetarische maaltijd voorgeschoteld op haar cursusadres, dus ik ben de enige gast waar voor gekookt zal worden. Na het ergens anders aanschuiven eerder deze week, keek ik nu echt uit naar dit diner for one. Het hoofdbestandsdeel van het menu moest gaan bestaan uit een groot stuk vlees. Een stuk vlees wat medium of deels rood gegeten zou kunnen worden. Deze stukken dier komen nu eenmaal even wat minder voorbij nu de sous-chef een minimens aan het maken is.

Ik zag mijn kans dus schoon. Vanochtend vroeg vond ik in de vriezer nog een ultiem stukje rund, een homp luxe vlees, een echte cote de boeuf. De andere ingrediënten zijn gisteravond al ingeslagen of liggen wel ergens te slingeren in de keuken. Na een relaxte vrijdag op het werk, waar ik vast vooruitblik op dit feestmaal, is het eerst nog even tijd voor een Lentebokje op ons nieuwe terras. Daarna verhuis ik naar de keuken voor een freestyle-sessie van ongeveer anderhalf uur.

Woordenchef-cote-de-boeuf-2

Het stuk vlees ligt al even op kamertemperatuur te rusten op een laagje van zout en een klein beetje olie. De oven staat aan en er knalt een zomers livesetje van Kygo op de achtergrond voor het benodigde ritme. Uitjes snijden, knoflook snipperen, wortels snijden, paar takjes tijm fijnhakken, ovenschalen invetten, het stuk vlees dichtschroeien en de groenten vast wat fruiten. Vlees in de grote ovenschaal, groente eroverheen, twintig minuten de oven in. De wat grover gesneden groente in een andere ovenschaal ernaast en even een nieuw biertje pakken. Erwten in een pannetje, een half flesje rode wijn in een ander pannetje, daar een bosje tijm en een geplette teen knoflook bij en vast wat takjes munt fijnsnijden.

De oven piept, het vlees kan eruit. Op een voorverwarmd bord laten rusten met aluminiumfolie eroverheen. De groenten uit de ovenschaal ondersneeuwen met bloem, doorroeren, en het hele zwikkie  kan in het pannetje met de inmiddels kokende rode wijn. Een minuutje of tien doorkoken tot het ongeveer tot de helft gereduceerd is. De warme erwten met de fijngesneden munt, wat olijfolie en een splash citroensap in de keukenmachine tot het een mooie groene puree is. Die kan vast een schaaltje in.

De rode wijn mix van het vuur halen en via een zeef in een schaaltje gieten. De laatste restjes smaak uit de groente persen met een grote lepel en ook deze kan vast de tafel op. De grove groente uit de andere overschaal hebben nog even door kunnen garen in de oven en zijn ook klaar. Het folie kan van het vlees en het vlees kan de snijplank op.

Een feestmaal, cote de boeuf met rode wijn jus, erwten-munt puree en groente uit de oven.

#188 Mexicaans

Een dagje bijkomen was het plan dus vandaag, zoals ik eerder wist te melden. Morgen is het tweede pinksterdag en dat betekent dat er in Nederland, afgezien van enkele sectoren waar wij morgen enthousiast gebruik van gaan maken, niet aan het werk is. Ondanks de korte nacht, rol ik toch niet veel later dan 10:00 uur mijn bed uit. Eerste stop is de keuken, de douche wordt overgeslagen, daar was vannacht nog tijd voor en zo lang is dat nog niet geleden.

Eenmaal in die keuken besluit ik er dan ook maar meteen vol voor te gaan, we zien wel waar het schip strandt. Boter, klein beetje olijfolie, kerriepoeder, chinese 5-spices en wat knoflookpoeder de pan in. De kruiden een beetje fruiten en daarbovenop wat plakjes tomaat. Drie eitjes eroverheen en bakken maar. Drie weekendbollen worden opengesneden, de sous-chef hoeft er maar eentje, die daar wat aardbeitjes op snijdt. In mijn pan gaat het goed en de geuren die vrijkomen doen mijn maag nog niet ineenkrampen, dat beloofd veel goeds.

Het net niet helemaal hard afgebakken ei, de toplaag is nog net iets aan de zachte kant, verdwijnt op de fabriekbolletjes. Inmiddels zit er al een espressootje in en mijn lichaam is voorbereid op meer. Na de eerste hap, die wonderwel goed smaakt, zijn alledrie de bolletjes vrij snel naar binnen gewerkt. Toch nog maar een keer douchen en verhuizen naar de bank buiten, het is immers prachtig weer. Na een redelijk luie middag met een boek en zelfs een tripeltje, krijgt de sous-chef honger.

We hadden vrijdag al besloten dat er vandaag tortillas op het menu zouden staan, dus alle ingrediënten zijn al in huis. Ik besluit uit te pakken en ga een uurtje helemaal los in de keuken. Ter plaatse bedachte marinades voor kip en groente, tomatensalsa, gekruide creme fraiche, licht aangemaakt salade’tje en tortillas van de appie. Iets teveel, dus van de week nog een keer op het menu. Koken, blijkbaar een goede remedie tegen een brakke dag.

 

#183 Internationale Barbecue

Gisteren had ik het al even kort over marinades. Dit was toen niet bepaald het belangrijkse onderwerp van de dag, maar het heeft invloed gehad op de gebeurtenissen van vandaag, dus ik kom er toch nog even op terug. Nadat ik gisteravond in het donker de groentes in spé in de kas nog even van een slokje water had voorzien, was het toch nog even tijd om een flinke lading kipfilet en een portie chicken wings van wat extra smaak te voorzien. Het was door de fijne omstandigheden al laat, maar dat hinderde niet.

Vandaag stond er namelijk een klein etentje in de agenda. De mannen die ik in het dagelijkse kantoorleven mijn collega’s mag noemen, zouden namelijk komen barbecuen. Aangevuld met mijn vriend uit Japan en onze man uit Amerika. Het had niet veel gescheeld of er was ook nog een Deense Chinees aangeschoven, maar die had net een vlucht te laat te pakken. Maar goed, voor dit bonte gezelschap aan manvolk zou ik vandaag dus een barbecuetje verzorgen. Op mijn voorstel ook nog, dus dan is een kleine effort voor wat betreft het marineren van wat vlees wel op zijn plaats.

De kipfilet, die later de saté zal vormen, of yakitori, wellicht een betere benaming in dit geval, krijgt een Japanse twist mee. Gesnipperde ui, zonnebloemolie, sojasaus, wasafuru (wasabi-tabasco), yuzu, citroen, oestersaus, bruine basterdsuiker en wat peper. De kippenvleugeltjes worden wat Amerikaanser op smaak gebracht. Goed veel geperste knoflook, blikje cola, olijfolie, zwart zeezout, tabasco, worchestersauce, peper en een goede splash Heinz ketchup. Beide varianten hebben vannacht lekker in een afgesloten plastic zak in de koelkast doorgebracht, om de smaken diep te laten doordringen.

Na wat biertjes op de loungebank, gesprekken in het Engels, Nederlands en een mix daarvan, is het tijd om de yakitori op de barbecue te leggen. Hij valt in de smaak, net als de rest. Het is gezellig, een woord wat steeds internationaler bekend lijkt te worden.