#201 Mannenliefde (1ste lustrum)

Ergens vijf jaar geleden werd er op een bank in Kapel-Avezaath, die toevallig in mijn huis stond, besloten dat er met een groep jongens eens wat festivalletjes bezocht moesten worden. Nu gebeurde dat zo links en rechts al wel natuurlijk, maar dit was niet hetzelfde. Het moest een soort van georganiseerde groepsreis worden. Cor en don, maar dan anders.

Zo gezegd, zo gedaan. Er werd een whatsapp-groepje aangemaakt en het uitverkoren festival dat ons over de vloer zou gaan krijgen was Solar in Roermond. Saillant detail is dat dit waarschijnlijk voorbestemde idee uit de hoge hoed kwam van degene die in ons midden niet altijd te betrappen is op een groot organisatietalent. Dat dit uiteindelijk allemaal toch van de grond is gekomen, moet wel een teken zijn geweest dat het zo heeft moeten zijn.

De groep trok richting Limburg en bestond daar uit tien personen. Één was op dat moment te vinden aan de andere kant van de wereld en een twaalfde is later pas ingewijd. Het was het begin van een lange reeks avonturen. De app-groep kreeg een passende naam, werd voorzien van een logootje en er werd een gezamenlijke spaarrekening op touw gezet met behulp van een niet meer gebruikte en/of rekening van twee leden die hun samenlevingsavontuur beïndigden.

De groep, die samen onder andere goed is voor elf mislukte voetbalcarriëres, vele hardloopkilometers, nog meer fietskilometers, een berg aan vlieguren, wereldreizen en paspoortstempels, vijf zonen, drie dochters en nog vijf kleintjes op komst, is voor mij wat er in de Dikke van Dale als beschrijving van vriendschap hoort te staan. Soms hecht, soms wat minder, soms intens, soms oppervlakkig, soms schurend, soms verbaasd, soms moeilijk, soms makkelijk, altijd onvoorwaardelijk, vaak hilarisch, soms ongezond, meestal op het randje, altijd vertrouwd en nooit alleen.

Gisteren vierden we vijf jaar ongein. Proost, op altijd liefde.

#193 Diner for one

Het zweet staat op mijn voorhoofd. Zo’n kas wordt best warm wanneer de zon zo schijnt als vandaag. Zeker wanneer je er een half uurtje gehurkt in de meest rare posities in doorbrengt. De stekjes kerstomaat, bloemkool en rode peper zijn groot genoeg om de grond in te gaan. De rest begint al aardig te groeien en ik begin zowaar te geloven dat ik dit jaar best eens wat zou kunnen oogsten. Niet te vroeg juichen natuurlijk, maar het begin is veelbelovend.

Veelbelovend was ook het menu dat ik gisteravond al in mijn hoofd in elkaar gedraaid heb. De sous-chef krijgt een voedzame, volgens mij vegetarische maaltijd voorgeschoteld op haar cursusadres, dus ik ben de enige gast waar voor gekookt zal worden. Na het ergens anders aanschuiven eerder deze week, keek ik nu echt uit naar dit diner for one. Het hoofdbestandsdeel van het menu moest gaan bestaan uit een groot stuk vlees. Een stuk vlees wat medium of deels rood gegeten zou kunnen worden. Deze stukken dier komen nu eenmaal even wat minder voorbij nu de sous-chef een minimens aan het maken is.

Ik zag mijn kans dus schoon. Vanochtend vroeg vond ik in de vriezer nog een ultiem stukje rund, een homp luxe vlees, een echte cote de boeuf. De andere ingrediënten zijn gisteravond al ingeslagen of liggen wel ergens te slingeren in de keuken. Na een relaxte vrijdag op het werk, waar ik vast vooruitblik op dit feestmaal, is het eerst nog even tijd voor een Lentebokje op ons nieuwe terras. Daarna verhuis ik naar de keuken voor een freestyle-sessie van ongeveer anderhalf uur.

Woordenchef-cote-de-boeuf-2

Het stuk vlees ligt al even op kamertemperatuur te rusten op een laagje van zout en een klein beetje olie. De oven staat aan en er knalt een zomers livesetje van Kygo op de achtergrond voor het benodigde ritme. Uitjes snijden, knoflook snipperen, wortels snijden, paar takjes tijm fijnhakken, ovenschalen invetten, het stuk vlees dichtschroeien en de groenten vast wat fruiten. Vlees in de grote ovenschaal, groente eroverheen, twintig minuten de oven in. De wat grover gesneden groente in een andere ovenschaal ernaast en even een nieuw biertje pakken. Erwten in een pannetje, een half flesje rode wijn in een ander pannetje, daar een bosje tijm en een geplette teen knoflook bij en vast wat takjes munt fijnsnijden.

De oven piept, het vlees kan eruit. Op een voorverwarmd bord laten rusten met aluminiumfolie eroverheen. De groenten uit de ovenschaal ondersneeuwen met bloem, doorroeren, en het hele zwikkie  kan in het pannetje met de inmiddels kokende rode wijn. Een minuutje of tien doorkoken tot het ongeveer tot de helft gereduceerd is. De warme erwten met de fijngesneden munt, wat olijfolie en een splash citroensap in de keukenmachine tot het een mooie groene puree is. Die kan vast een schaaltje in.

De rode wijn mix van het vuur halen en via een zeef in een schaaltje gieten. De laatste restjes smaak uit de groente persen met een grote lepel en ook deze kan vast de tafel op. De grove groente uit de andere overschaal hebben nog even door kunnen garen in de oven en zijn ook klaar. Het folie kan van het vlees en het vlees kan de snijplank op.

Een feestmaal, cote de boeuf met rode wijn jus, erwten-munt puree en groente uit de oven.

#174 Aarbeien en een Japanse kat

Gisteren was natuurlijk een kleine klaagzang en een stukje schaamteloos zelfmedelijden. Excuus daarvoor. Soms is dat fijn, soms is dat nodig. Het lijkt te hebben geholpen. Weinig meer aan het handje vandaag met ‘De Knie’.

De ochtend begon vroeg, blijkbaar voldoende uitgerust door de lamballerij en minimale inspanningen van gisteren. ‘Het wordt tijd dat je weer wat nuttigs doet’ schreeuwde mijn verstand vanochtend tegen mijn lichaam. En waarempel, mijn lichaam kwam in beweging zonder te sputteren. Een klein bordje met aarbeien belegde beschuit werd er klaargemaakt voor de uitslapende sous-chef. Die wist niet wat helemaal wat er gebeurde, wreef de slaap uit haar ogen en wist toen eigenlijk nog steeds niet wat er gebeurde.

Tijd om dit schouwspel van wakker worden helemaal te bekijken had ik niet, dus op naar de volgende klus. Zoals ik al eerder heb aangegeven is er onvoorzien een wekelijkse taak het schema binnengeslopen, dus reed ik de grasmaaier naar buiten. Gras kort, parasol van de zolder in de garage en kijken of de sous-chef al beneden is. Parasol van zolder? Jazeker. Vandaag staat er een dagje op een Nijmeegs waalstrand op het programma ter ere van een verjaardag en volle zon schijnt niet goed te zijn voor zwangere buiken. En laat de sous chef nu zo’n buikje hebben.

Voorafgaand aan het strand eerst nog even Nijmegen zelf in, op zoek naar wat kleding om die buik in kwijt te kunnen. Tijdens deze zoektocht word ik onverwachts getipt over een boek wat heet ‘reisverslag van een kat’, geschreven door een Japanse auteur. De tipgever denkt dat dit weleens iets voor ons zou kunnen zijn. Daar kon ze best eens gelijk in hebben. De boekhandel die we meteen maar even opzoeken heeft wel een boek over een kat, geschreven door een Japanner, maar dit blijkt een ander meesterwerk. Het hindert niet, doe die toch maar, en doe die Murakami er ook maar bij.

Door naar de hoofdbestemming van vandaag. Onderweg roept een jochie van nog geen meter hoog, die toevallig ook naar dezelfde bestemming op weg is samen met zijn ouders; ‘hé dat zijn onze vrienden!’, wanneer hij ons in het oog krijgt. Inderdaad, vrienden, dat is waar de rest van de dag om draait en volgens mij zien perfecte zondagen er ongeveer zo uit als deze.

Familiebier

Vrijdag is, zoals al eerder beschreven dus de borreldag. Afgelopen vrijdag was het dat heel letterlijk. Een biertje in de stad. Vaders, zonen, zwagers, een avondje pilsjes drinken. Een tijd geleden al afgesproken middels de groepsapp ‘ff naar van Geffen’. Plaats van handeling dus; Stadskroeg van Geffen.

Plaats aan de bar

Ik arriveer zelf als eerste, de beste plaatsen direct aan de bar zijn blijkbaar nog vrij en bieden zelfs nog plaats aan de overige drie die nog moeten komen. De grote mannen worden gechauffeurd door zuslief deze avond, die daarna richting mijn bank gaat. De zwager achter de bar geeft aan dat er vanavond een klein verjaardagsfeestje is ook, dus het kon nog weleens druk worden.

 

Woordenchef-familiebier.jpg

 

Essentiële levenszaken

Wanneer zwager twee, vader van zwager en m’n eigen pa ook arriveren kan de vrijdagavond beginnen. Over biervoorkeuren, concerten, reisjes naar Ierland en Schotland, een klein beetje werk en nog allerlei essentiële zaken van het leven passeren de revue. Pilsjes worden na de laatste slok vakkundig vrijwel direct vervangen door een versgetapte nieuwe. Er worden uitstapjes gemaakt naar bokbier, een speciaalbiertje en zelfs wat whiskey.

De kroeg loopt vol, het volume gaat omhoog, de muziekkeuze wordt wat bedenkelijker, maar ach het is iemands verjaardag en hun lol werkt aanstekelijk. De gesprekken vinden inmiddels plaats op standje oorschreeuwen en er gaan schalen met bittergarnituur langs. Een mooie bijkomstigheid van zo’n verjaardagsfeestje. De kastelein-zwager vraagt of ik even het luik naar de bierkelder wil bewaken, zodat niemand per ongeluk zijn nek breekt.

De avond vliegt voorbij, afrekenen, afscheid nemen en op de fiets naar huis. Thuis een eierkoek met Hazelnootpasta naar binnen werken (bij gebrek aan wat beters), in slaap vallen en de dag er na een kater. Het was een goeie avond.

Tapas deel 2

Lunch gemist vandaag, gelukkig wel een goed ontbijtje vroeg op de ochtend, dus dat scheelde nog iets. Mijn werk van vandaag bestond niet bepaald uit zittende kantoorzaken. Zo nu en dan is dat eigenlijk meer dan welkom. In mijn geval hebben zulke dagen eigenlijk bijna altijd te maken met een beurs. De beurs zelf, in Shanghai deze keer, staat over drie weken op het programma, maar daar vast veel meer over tegen die tijd. Nee, vandaag betrof het de laatste zaken van de voorbereidingen. Oftewel, het daadwerkelijk transportgereed maken van alle dingen die richting China gaan.

Rennen en vliegen

Dat betekent dus, rennen, vliegen, sjouwen, heen en weer rijden, checklisten maken, dingen vergeten, toch alles net iets anders inpakken, pakbonnen maken, bellen, nog meer bellen, nog meer dingen vergeten, zagen (ja zelfs zagen), schroeven en plakken. Ook dat is marketing, en dat is best wel lekker. Maar, door al dat vliegen, dus mijn lunch vergeten, ergens nog wel een snelle boterham met kaas naar binnen gewerkt, maar dat vond mijn lichaam niet bepaald genoeg volgens mij.

Beeldschermen

Rond vier uur, eindelijk weer vertrouwd naar mijn schermen starend, vol met Facebook campagnes, LinkedIn updates, Google dashboards, een bergje nieuwe mail en een gepland updateje aan de website, krijg ik daar een eerste signaal van. Mijn linkeroog begint voor mijn gevoel een tikkeltje te hangen en mijn wangen voelen alsof er een straalkachel op staat. Het laatste uurtje voelt dus ook als een roes, maar dan, het besef, er staan tapas op het menu! Met de collega’s die ik vandaag maar weinig gezien heb.

Tapas dus, bij Tres. Biertjes, wijntjes, een verrassingsronde van de chef, grapjes, werk, een nieuwe ronde, nog een wijnte, een beetje water, nog wat meer werkzaken, herinneringen aan deel 1, een derde en laatste ronde, een toetje, koffie en uiteindelijk de rekening delen.

Soms vergeet je te eten, gelukkig niet te vaak.

 

 

*De foto is geleend van Google, die me naar couverts.nl stuurde voor dit plaatje. 

International lunch

Zomaar een zaterdag in november. ’s Ochtends een deel van ons nieuwe stuk grond, bestemd voor de kippen, gereed gemaakt voor een partij graszoden. Het walsen en het leggen zelf heb ik overgelaten aan de meesterklusser en haar trouwe hulp. Snel douchen en op de fiets naar Kerk-Avezaath. Een tochtje wat op deze dag meteen herinneringen oproept, zo ver terug zelfs dat ik me een tunneltje onder de A15 herinner in plaats van een viaduct. Lang geleden.

Deurbel

Het voelt als een jaar of vijfentwintig geleden dat ik deze oprit opfietste, vroeger stond er altijd een rode camper, die is er blijkbaar niet meer. Vijfentwintig jaar kan het trouwens niet zijn, zo oud ben ik nou ook weer niet. De bel lijkt ook anders, maar verder is er volgens mij niet zoveel veranderd. Het aanbellen voelt onwennig, maar daarna nemen de herinneringen aan vroegere avonturen en het vertrouwde gevoel al snel de overhand. Er wordt Engels gesproken, soms gemixt met Nederlands, want de kleine wordt tweetalig opgevoed. De kleine is ongeduldig en loopt continu instabiel, maar vastberaden rondjes langs de tafel. De moeder van, die nu de oma van is, er trots omheen.

Nostalgie en toekomst

Nieuwe dingen dus, nieuwe levens. Nog meer nieuwe levens, vergezeld van vertrouwde gezichten komen binnen. Nostalgie aangevuld met de toekomst. Een bijzondere mix. Het gesprek gaat over geluk, en over ongeluk, en hoe dicht dit soms bij elkaar ligt. Er is koffie en een taartje. De celebrations op tafel hebben vooral de aandacht van de kleine. De vader van, nu opa, speelt zijn nieuwe rol oscarwaardig.

Er is vlees van de barbecue, op zijn Australisch, want Nederland lijkt voor ons allemaal een beetje te klein. En er is bier, want sommige dingen veranderen nooit. Grolsch uiteraard.

Fish & Chips

Bij Fish & Chips denk je vast al snel aan London, of een grauw Engels havenstadje waar de vis geserveerd wordt in een met azijn doordrenkte oude krant. Of aan Jamie Oliver, die met net iets te veel enthousiasme een rare variant maakt op dit traditionele gerecht uit The United Kingdom, het Verenigd Koninkrijk. Ooit hoorde hier ongeveer een derde van de wereld bij, maar tegenwoordig beslaat het niet meer dan een eiland, ongeveer een uurtje vliegen ten Westen van ons. De positie op dat eiland willen ze blijkbaar verstevigen en nog minder met de rest van de wereld te maken hebben nu Theresa & Boris vakkundig hun best doen de navelstreng met Europa volledig door te knippen.

William Wallace

Maakt allemaal niet uit, Theresa, Boris en al die andere clowns zitten in London, een heel andere wereld dan die van de trotse Schotten. Nicola Sturgeon wil eigenlijk niks van een Brexit weten en zet zich daarmee als vanounds af tegen haar Engelse buren. Niks nieuws eigenlijk, gezien de bloedige historie tussen alle eilandbewoners. Eeuwenlange oorlogen over grond, geloof en vooral trots, heeft voor veel ellende gezorgd. De ellende is wel zo’n beetje over, maar de heldenverhalen over William Wallace en Robert the Bruce, die moedig hun kastelen en trots verdedigden in en om Edinburgh blijven altijd bestaan. Of William en Robert ook graag een portie fish & chips naar binnen werkten alvorens wat Engelsen of ander gespuis aan hun zwaarden te rijgen weet ik niet. Ik denk graag van wel.

Stille pubs

Dat ook hier, in deze sprookjesachtige middeleeuwse stad, het gerecht een vast item op het menu is, zien we tijdens ons vriendenweekend hier aan de vele borden buiten bij de traditionele pubs. In deze pubs wordt overigens geen muziek gedraaid en dat is voor ons, als volleerde oorschreeuwers even wennen. Sterker nog, het went niet, we zoeken en vinden herrie, een bandje op het podium, dat werkt beter voor ons Hollanders. Kasteel bezoeken, drinken in pubs, slenteren door de stad, fietsen langs het strand en als een dozijn Schotten in kilts op de foto, doen we allemaal in Edinburgh, waar ook ons Hostel staat.

edinburgh-scotland-veni-vidi-bibi-2017

De postbodes van Kilmarnock

De fish en chips laten echter op zich wachten tot we ons met de trein door het druilerige Schotse landschap naar Glasgow hebben verplaatst. Het doel is een wedstrijd van Celtic, op een imposant Celtic park, tegen een team van bakkers, slagers en postbodes van verderop, Kilmarnock FC. Deze slagers weten de Champions League sterren in wit en groen echter te dwingen tot een draak van een wedstrijd, die ons, door toedoen van de korte nacht ervoor, de vertraging en omboeking van vluchten daaropvolgend, allemaal doet knikkebollen. 1-1 is de eindstand in een volledig drooggelegd stadium (tot ontzetting van enkele alcoholisten in ons midden), wat 10 minuten voor tijd al helemaal leegloopt. Ervaring rijker.

celtic-kilmarnock-2017-glasgow

Van Glasgow hebben we afgezien van een inspirerend standbeeld met een pilon op zijn hoofd niet veel gezien. Even leek het alsof de zoektocht naar fish en chips voorafgaand aan de wedstrijd ook in het honderd zou lopen. Google maps liet het afweten en de route naar één van de beste vis en friet restaurants liep dood in een steeg. Na wat navraag bij een ander restaurant bleek dat ‘The Chippy Doon The Lane’ toch echt vlakbij was en we zetten koers een steeg verder. Een aftandse trap, twee pints Tennent’s Lager en een aantal toiletbezoeken verder zaten we allemaal aan de fish & chips. Allemaal cod, behalve één, simpelweg om die reden. Het smaakte zoals het hoort te smaken, als gefrituurde verse vette vis, met friet, geplette erwten, tartaarsaus en azijn. Twaalf vrienden die even stil zijn, even geen bier bestellen, even geen oren volschreeuwen, even geen scheet laten en even geen woordgrapjes maken of elkaar op een of andere manier beledigen.

Genieten.