#204 Scampi’s

Wanneer we onze koffers te pakken hebben, kiezen we de uitgang waarboven staat ‘nothing to declare’, as usual. Ik vraag me af of ik ooit nog een keer die andere optie moet verzilveren. Dat ik zoveel exotisch servies in mijn koffer heb gepropt dat ik toch even aan de douane wil vragen of dat allemaal wel zo het land in mag. Maar goed, vanuit Nederland hebben we niets bijzonders meegenomen, dus dat is niet aan de orde nu. De zakken aardappels, potten pindakaas en doosjes hagelslag zijn nog lang geen vast onderdeel van onze vakantiebagage, dus we kunnen doorlopen.

Eenmaal de schuifdeuren door lopen we pal aan tegen iemand die een bordje ‘Voerman’ omhoog houdt en ik ga er dan ook maar vanuit dat ze voor ons komt. Dit blijkt zo te zijn en we volgen haar en haar collega richting het parkeerterrein. De koffers verdwijnen achterin en een van de twee is even het parkeergeld betalen. Ik zet nog snel even mijn nieuwe zonnebril van Charlie Temple op mijn neus om de laatste zonnestralen te blokkeren, maar dit blijkt al vrij snel overbodig, of beter, overmoedig. We draaien de snelweg langs de kust op en zetten koers richting Avola, onze eindbestemming.

De dame achter het stuur, Maria heette ze als ik het goed verstaan heb, jakkert in een vaartje van zo ongeveer 130 km/u langs een politieauto op de weg waar vrij duidelijk aangegeven staat dat de limiet op 80 km/u ligt. Ze verblikt of verbloosd niet en zingt zachtjes mee met wat volgens mij een nummer van Laura Pausini is, geen grapje. Eenmaal aangekomen in Avola, waar ons Bed & Breakfast waarin we deze week verblijven staat, klikt ze haar gordel vast los. Als we in de laatste straat voor aankomst opeens langs een stilstaande auto van de carabinieri rijden, wordt ze opeens wel heel zenuwachtig. Het is meteen duidelijk hoe de verhoudingen hier liggen.

Na de koffers gedropt te hebben in onze kamer en onze ontbijwensen voor morgen te hebben doorgegeven, wandelen we terug richting de boulevard waar we zojuist langsreden. We kiezen één van de tratoria’s uit en het is meteen raak. Risotto met scampi’s en mosselen, ravioli met ricotta en pistache, insalata mista, vino bianco en vooraf een broodje met olijfolie, peper, zout en oregano. We zijn in Italië. Van de scampi’s blijft weinig meer over dan alleen vette vingers.

#202 Sfeerbeheer

Na een nacht diepe slaap en bijzondere dromen, een stevig ontbijt en drie bakjes espresso is het tijd voor de zondag. Die zondag begint buiten, het is warmer dan het er uit ziet en binnen de kortste keren verschijnen de eerste zweetdruppeltjes al op mijn rug en voorhoofd. Ik ben namelijk niet zomaar naar buiten gegaan. Er is een duidelijk doel. Dit doel hing al even in de lucht, maar eerdere verzoeken heb ik handig uit de weg weten te gaan omdat de materialen nog niet op orde waren.

Dat zijn ze nu wel en ook de benodigde stroomvoorziening is gisteren professioneel aangelegd door de huisklusser annex aanstaande opa en de opzichter. Diezelfde opzichter stond vandaag onderaan de ladder welke vanuit de garage kwam en de boom in ging. Bovenaan die ladder stond ik zelf met een prikkabel voorzien van nieuwe lampjes. Die lampjes zouden onze tuin moeten gaan voorzien van nog wat meer sfeer. Volgens de postbode gisteren zag het er allemaal al gezellig uit, maar het kan altijd beter. Het bleek een klusjes van niks en na wat bevestigingswerk met ijzerdraad in de boom en een klein gaatje in de buitenmuur van de garage, hing de kabel op zijn plaats.

Bij de eerste test bleek één van de lampjes het niet te doen, maar gelukkig had ik de ladder nog niet opgeruimd. Even aandraaien bleek genoeg en alles werkte naar behoren. Nu was het op dat moment een uurtje of twaalf in de middag, dus het deed verder nog niet heel veel voor de sfeer. Tijdens een verjaardag van een driejarige jonge held, die overigens verzandde in een onvervalste poolparty met de opa van dienst als volleerde badmeester, ontstond het spontane idee thuis even de barbecue aan te steken.

Een frequente tafelgenoot plofte samen met ons neer op de loungeset en de barbecue kon aan. Pinot Grigio in de koeler, Ekdom’s bbq-box op de achtergrond en de laatste uurtjes zondag verstrijken in alle rust. Wanneer de avond valt kunnen de kaarjes in de kroonluchter aan, een vuurtje in het buitenkacheltje zorgt voor wat warmte en de verse lampjes vanuit de boom maken het vakantiegevoel aan huis compleet.

Het leven is een feest, maar je moet zelf de lampjes ophangen.

#201 Mannenliefde (1ste lustrum)

Ergens vijf jaar geleden werd er op een bank in Kapel-Avezaath, die toevallig in mijn huis stond, besloten dat er met een groep jongens eens wat festivalletjes bezocht moesten worden. Nu gebeurde dat zo links en rechts al wel natuurlijk, maar dit was niet hetzelfde. Het moest een soort van georganiseerde groepsreis worden. Cor en don, maar dan anders.

Zo gezegd, zo gedaan. Er werd een whatsapp-groepje aangemaakt en het uitverkoren festival dat ons over de vloer zou gaan krijgen was Solar in Roermond. Saillant detail is dat dit waarschijnlijk voorbestemde idee uit de hoge hoed kwam van degene die in ons midden niet altijd te betrappen is op een groot organisatietalent. Dat dit uiteindelijk allemaal toch van de grond is gekomen, moet wel een teken zijn geweest dat het zo heeft moeten zijn.

De groep trok richting Limburg en bestond daar uit tien personen. Één was op dat moment te vinden aan de andere kant van de wereld en een twaalfde is later pas ingewijd. Het was het begin van een lange reeks avonturen. De app-groep kreeg een passende naam, werd voorzien van een logootje en er werd een gezamenlijke spaarrekening op touw gezet met behulp van een niet meer gebruikte en/of rekening van twee leden die hun samenlevingsavontuur beïndigden.

De groep, die samen onder andere goed is voor elf mislukte voetbalcarriëres, vele hardloopkilometers, nog meer fietskilometers, een berg aan vlieguren, wereldreizen en paspoortstempels, vijf zonen, drie dochters en nog vijf kleintjes op komst, is voor mij wat er in de Dikke van Dale als beschrijving van vriendschap hoort te staan. Soms hecht, soms wat minder, soms intens, soms oppervlakkig, soms schurend, soms verbaasd, soms moeilijk, soms makkelijk, altijd onvoorwaardelijk, vaak hilarisch, soms ongezond, meestal op het randje, altijd vertrouwd en nooit alleen.

Gisteren vierden we vijf jaar ongein. Proost, op altijd liefde.

#193 Diner for one

Het zweet staat op mijn voorhoofd. Zo’n kas wordt best warm wanneer de zon zo schijnt als vandaag. Zeker wanneer je er een half uurtje gehurkt in de meest rare posities in doorbrengt. De stekjes kerstomaat, bloemkool en rode peper zijn groot genoeg om de grond in te gaan. De rest begint al aardig te groeien en ik begin zowaar te geloven dat ik dit jaar best eens wat zou kunnen oogsten. Niet te vroeg juichen natuurlijk, maar het begin is veelbelovend.

Veelbelovend was ook het menu dat ik gisteravond al in mijn hoofd in elkaar gedraaid heb. De sous-chef krijgt een voedzame, volgens mij vegetarische maaltijd voorgeschoteld op haar cursusadres, dus ik ben de enige gast waar voor gekookt zal worden. Na het ergens anders aanschuiven eerder deze week, keek ik nu echt uit naar dit diner for one. Het hoofdbestandsdeel van het menu moest gaan bestaan uit een groot stuk vlees. Een stuk vlees wat medium of deels rood gegeten zou kunnen worden. Deze stukken dier komen nu eenmaal even wat minder voorbij nu de sous-chef een minimens aan het maken is.

Ik zag mijn kans dus schoon. Vanochtend vroeg vond ik in de vriezer nog een ultiem stukje rund, een homp luxe vlees, een echte cote de boeuf. De andere ingrediënten zijn gisteravond al ingeslagen of liggen wel ergens te slingeren in de keuken. Na een relaxte vrijdag op het werk, waar ik vast vooruitblik op dit feestmaal, is het eerst nog even tijd voor een Lentebokje op ons nieuwe terras. Daarna verhuis ik naar de keuken voor een freestyle-sessie van ongeveer anderhalf uur.

Woordenchef-cote-de-boeuf-2

Het stuk vlees ligt al even op kamertemperatuur te rusten op een laagje van zout en een klein beetje olie. De oven staat aan en er knalt een zomers livesetje van Kygo op de achtergrond voor het benodigde ritme. Uitjes snijden, knoflook snipperen, wortels snijden, paar takjes tijm fijnhakken, ovenschalen invetten, het stuk vlees dichtschroeien en de groenten vast wat fruiten. Vlees in de grote ovenschaal, groente eroverheen, twintig minuten de oven in. De wat grover gesneden groente in een andere ovenschaal ernaast en even een nieuw biertje pakken. Erwten in een pannetje, een half flesje rode wijn in een ander pannetje, daar een bosje tijm en een geplette teen knoflook bij en vast wat takjes munt fijnsnijden.

De oven piept, het vlees kan eruit. Op een voorverwarmd bord laten rusten met aluminiumfolie eroverheen. De groenten uit de ovenschaal ondersneeuwen met bloem, doorroeren, en het hele zwikkie  kan in het pannetje met de inmiddels kokende rode wijn. Een minuutje of tien doorkoken tot het ongeveer tot de helft gereduceerd is. De warme erwten met de fijngesneden munt, wat olijfolie en een splash citroensap in de keukenmachine tot het een mooie groene puree is. Die kan vast een schaaltje in.

De rode wijn mix van het vuur halen en via een zeef in een schaaltje gieten. De laatste restjes smaak uit de groente persen met een grote lepel en ook deze kan vast de tafel op. De grove groente uit de andere overschaal hebben nog even door kunnen garen in de oven en zijn ook klaar. Het folie kan van het vlees en het vlees kan de snijplank op.

Een feestmaal, cote de boeuf met rode wijn jus, erwten-munt puree en groente uit de oven.

#185 Dubbele espresso

Ik schuif wat later aan. Het is een lastminute plan. Links naast me zit een Deense Chinees. Of nou ja, het is gewoon een Deen, hij woont alleen al lang in China. Rechts naast me zit een Amerikaan. Gewoon een Amerikaan. De gesprekken gaan wederom in het Engels. Er is een flesje wijn en waarempel menukaarten in het Engels.

Photo by Tyler Nix on Unsplash

De Buurvrouw is blijkbaar voorbereid op internationale gasten. Komen er veel internationale toeristen in Tiel? Dit is de eerste keer dat ik tijdens een etentje met mensen die weinig tot geen Nederlands spreken, de menukaart niet grotendeels hoef te vertalen en uit te leggen. De onderwerpen van gesprek zijn China en Amerika en alles wat daar tussenin zit. Nogal veel dus. De serveerster komt tot twee keer toe vragen of we al een keuze hebben gemaakt, terwijl we nog niet eens hebben gekeken. En dat ligt niet aan het feit dat ze haast heeft of ongeduldig is, wij zijn gewoon traag.

De intensheid en het volume van de gesprekken neemt wat af, de fles wijn wordt aangebroken en verdeeld over de vijf glazen en we slaan de menukaarten voor onze neus open. Iedereen zoekt iets naar zijn smaak. Zo ook ik zelf. Het is lang geleden dat ik hier geweest ben, maar ik hoorde slechte verhalen over de kip, die volgens de sous-chef nogal droog was. Die valt dus af. Mijn oog valt op een ‘duet buurman en buurvrouw’. Een stukje varken en een plakje koe. Drie keer is scheepsrecht en de verantwoordelijke voor onze tafel kan eindelijk haar notitieblokje erbij pakken.

Inmiddels vliegen de ervaringen alweer over de tafel, tot de borden met de verschillende gerechten arriveren. Een pauze in de stortvloed aan verhalen. Er wordt afgesloten met vier espresso’s, waarvan twee dubbele en een muntthee. Er is ook een variatie aan chocolaatjes, die links naast me herinneringen oproepen aan een tijd waarin er wat meer kilo’s meegedragen moesten worden. Het klinkt bekend, ook hij heeft hardloopschoenen die hij regelmatig aantrekt. De rekening gaat op zijn Hollands.

#183 Internationale Barbecue

Gisteren had ik het al even kort over marinades. Dit was toen niet bepaald het belangrijkse onderwerp van de dag, maar het heeft invloed gehad op de gebeurtenissen van vandaag, dus ik kom er toch nog even op terug. Nadat ik gisteravond in het donker de groentes in spé in de kas nog even van een slokje water had voorzien, was het toch nog even tijd om een flinke lading kipfilet en een portie chicken wings van wat extra smaak te voorzien. Het was door de fijne omstandigheden al laat, maar dat hinderde niet.

Vandaag stond er namelijk een klein etentje in de agenda. De mannen die ik in het dagelijkse kantoorleven mijn collega’s mag noemen, zouden namelijk komen barbecuen. Aangevuld met mijn vriend uit Japan en onze man uit Amerika. Het had niet veel gescheeld of er was ook nog een Deense Chinees aangeschoven, maar die had net een vlucht te laat te pakken. Maar goed, voor dit bonte gezelschap aan manvolk zou ik vandaag dus een barbecuetje verzorgen. Op mijn voorstel ook nog, dus dan is een kleine effort voor wat betreft het marineren van wat vlees wel op zijn plaats.

De kipfilet, die later de saté zal vormen, of yakitori, wellicht een betere benaming in dit geval, krijgt een Japanse twist mee. Gesnipperde ui, zonnebloemolie, sojasaus, wasafuru (wasabi-tabasco), yuzu, citroen, oestersaus, bruine basterdsuiker en wat peper. De kippenvleugeltjes worden wat Amerikaanser op smaak gebracht. Goed veel geperste knoflook, blikje cola, olijfolie, zwart zeezout, tabasco, worchestersauce, peper en een goede splash Heinz ketchup. Beide varianten hebben vannacht lekker in een afgesloten plastic zak in de koelkast doorgebracht, om de smaken diep te laten doordringen.

Na wat biertjes op de loungebank, gesprekken in het Engels, Nederlands en een mix daarvan, is het tijd om de yakitori op de barbecue te leggen. Hij valt in de smaak, net als de rest. Het is gezellig, een woord wat steeds internationaler bekend lijkt te worden.

#180 Via Frankrijk naar Indonesië

‘Ga je nu echt nog schrijven?’, vraagt mijn chauffeur wanneer we bijna thuis zijn. ‘Ik weet het nog niet’, is mijn antwoord. Ergens weet ik al dat ik dat inderdaad ga doen ja, maar toch komt dat vertwijfelde antwoord uit mijn mond. Geen idee waarom eigenlijk.

Photo by Bill Williams on Unsplash

Vijf minuten later zit ik dus in het donker aan de keukentafel een eerder gedane belofte van vandaag in te lossen. Wederom uitstellen tot morgen had gevoeld als falen en bij nummer #180 is dat toch jammer, en onnodig. Eén keer verliezen met het einde in zicht is wel genoeg voor deze avond. Eén plekje voor de finishlijn op het 30-seconds bord ingehaald worden, omdat je ‘Candy Dulfer’ niet voordat het laatste druppeltje zand is weggelopen weet uit te brengen als antwoord op; ‘iets met een saxofoon’, is erg genoeg.

Dat potje 30-seconds, en daaropvolgend nog eentje, die wel werd gewonnen en daaropvolgend óók nog een spelletje rummikub, ook gewonnen (jaja, borstklopperij…), volgde weer op een overheerlijke Indische maaltijd. Soto-soep stond er dit keer op het programma bij deze specialisten op het gebied van deze keuken. Een lava-cake met aarbeien en ijs als toetje maakte deze verwennerij compleet en dan neem ik de fijne speciaalbiertjes zomaar voor lief.

Dit culinaire avontuurtje volgde op haar beurt weer op een ander fijn stukje entertainment wat vandaag plaatsvond in ons eigen theater. En dan met name op het nieuw aangelegde terras. Dat het gisteren zomaar opeens af was, mag namelijk geen toeval heten, dit was een onvervalste deadline. Vandaag zat hier namelijk een familie die niet vaak in deze samenstelling te bewonderen is, deels uit Frankrijk, deels uit Tiel, te genieten van de zon, van eigengemaakte lekkernijen en van elkaar.

En van wijn. Dat is fijn aan Franse lunches, daar hoort wijn bij. Ik denk dat we als uitwisselingsprogramma ook daar maar eens moeten gaan lunchen.

#179 Slapen

Het was nog niet eens zo heel erg laat gisteren, maar alle energie en creativiteit was er voor de dag wel zo’n beetje uit. Eigenlijk is dit dus het stukje wat vrijdag had moeten verschijnen, maar door fijne omstandigheden heeft dit enige vertraging opgelopen. De kans is dus groot dat er ergens vandaag nog een verzameling woorden verschijnt om deze achterstand weer in te halen.

Photo by Jason Blackeye on Unsplash

‘De knie’ ten spijt, is het nieuwe terras gisteren zo goed als afgekomen. Met dank aan de nieuwe accuboormachine en de support van de opzichter. Na een kort overleg met deze opzichter werd besloten dat de fundering nog een kleine aanpassing behoefde, nu kon het nog. Goede beslissing, er moeten immers wel feestjes op plaats kunnen vinden. Na het in elkaar zetten van de loungeset, was er nog precies genoeg tijd over om even van de nieuwe creatie te genieten. Na dit korte relaxte intermezzo, waarin ook nog even snel een kroonluchter in elkaar werd gedraaid, was het tijd voor de volgende stop.

Er wachtte een barbecue, een spelletje een aantal lieve mensen op ons om de avond verder mee door te brengen. De barbecue werd bij aankomst net aangestoken door de vader en één van zijn minimannen, die daarna zijn broertje afwisselde aan de eettafel. Er werd gevoetbald met de kleine mannen en om de beurt werd er een portie aandacht gevraagd. Uiteraard waren deze helden nog lang niet moe toen de klok hun bedtijd aanwees en beide deden een goede duit in het zakje om dit te laten merken.

Ik kan me ergens vaag een tijd herinneren dat ik ook niet naar bed wilde, en zo vroeg mogelijk mijn bed weer uit in het weekend, om telekids te kijken. Ergens in mijn tijdslijn is dit omgedraaid. Ik ben vaak maar wat blij als ik naar bed mag, en doe er soms alles aan om maar een minuut of vijf langer te kunnen blijven liggen. De kleine mannen zullen hier niks van snappen, die hebben alles nog te ontdekken. Wacht eens even, heb ik dat niet meer dan?

#174 Aarbeien en een Japanse kat

Gisteren was natuurlijk een kleine klaagzang en een stukje schaamteloos zelfmedelijden. Excuus daarvoor. Soms is dat fijn, soms is dat nodig. Het lijkt te hebben geholpen. Weinig meer aan het handje vandaag met ‘De Knie’.

De ochtend begon vroeg, blijkbaar voldoende uitgerust door de lamballerij en minimale inspanningen van gisteren. ‘Het wordt tijd dat je weer wat nuttigs doet’ schreeuwde mijn verstand vanochtend tegen mijn lichaam. En waarempel, mijn lichaam kwam in beweging zonder te sputteren. Een klein bordje met aarbeien belegde beschuit werd er klaargemaakt voor de uitslapende sous-chef. Die wist niet wat helemaal wat er gebeurde, wreef de slaap uit haar ogen en wist toen eigenlijk nog steeds niet wat er gebeurde.

Tijd om dit schouwspel van wakker worden helemaal te bekijken had ik niet, dus op naar de volgende klus. Zoals ik al eerder heb aangegeven is er onvoorzien een wekelijkse taak het schema binnengeslopen, dus reed ik de grasmaaier naar buiten. Gras kort, parasol van de zolder in de garage en kijken of de sous-chef al beneden is. Parasol van zolder? Jazeker. Vandaag staat er een dagje op een Nijmeegs waalstrand op het programma ter ere van een verjaardag en volle zon schijnt niet goed te zijn voor zwangere buiken. En laat de sous chef nu zo’n buikje hebben.

Voorafgaand aan het strand eerst nog even Nijmegen zelf in, op zoek naar wat kleding om die buik in kwijt te kunnen. Tijdens deze zoektocht word ik onverwachts getipt over een boek wat heet ‘reisverslag van een kat’, geschreven door een Japanse auteur. De tipgever denkt dat dit weleens iets voor ons zou kunnen zijn. Daar kon ze best eens gelijk in hebben. De boekhandel die we meteen maar even opzoeken heeft wel een boek over een kat, geschreven door een Japanner, maar dit blijkt een ander meesterwerk. Het hindert niet, doe die toch maar, en doe die Murakami er ook maar bij.

Door naar de hoofdbestemming van vandaag. Onderweg roept een jochie van nog geen meter hoog, die toevallig ook naar dezelfde bestemming op weg is samen met zijn ouders; ‘hé dat zijn onze vrienden!’, wanneer hij ons in het oog krijgt. Inderdaad, vrienden, dat is waar de rest van de dag om draait en volgens mij zien perfecte zondagen er ongeveer zo uit als deze.

Krokant laagje

We nemen, een bakje overgebleven gestoofde rode kool van een week of twee geleden uit de vriezer. Een pakje runderpoulet, uit de andere vriezer die in de schuur staat, ooit geleverd door de vrienden van koopeenkoe.nl en de laatste aardappelen uit de zinken emmer op de keukenvloer. Het vlees is wat laat uit de vriezer gekomen, dus even snel in een bak koud water om snel te ontdooien.

Uit de tuin

Het plan is eerst een soort stoof te maken van het vlees zelf en daarna alles samen als een ovenschotel nog een keer extra in de oven. Uit de tuin komt nog wat bleekselderij en een handjevol kruiden. Uien zijn altijd wel in huis en uit de groentela in de koelkast komt een winterpeen. Het vlees is inmiddels ontdooit en kan in stukken worden gesneden. Althans, dat was het al, maar sommige hompen ietsjes fijner snijden kan geen kwaad.

In een braadpan wat olie en een flink stuk boter samen verwarmen en laten smelten. Vlees erin, vuur niet superhoog, maar ook niet te laag. Beetje zout er over zodat de sappen er goed uitkomen. Ondertussen een litertje of wat bouillon op het vuur. Zodra het vlees aan alle kanten dichtgeschroeid is, mag het er weer uit, het vocht kan in de pan blijven. Fijngesneden peen, uien en bleekselderij in de pan, minuutje of tien fruiten, vlees er weer terug bij. Even samen goed verwarmen zodat alles weer dezelfde temperatuur krijgt. Een flinke stuif bloem er over, zodat de smaken er goed inblijven en roeren tot het allemaal lekker aan elkaar plakt.

Speciaalbiertje

In de koelkast nog een speciaalbiertje gevonden. Brand Sylvester, als ik het goed herinner een overblijfsel van een speciaalbieravond van vorig jaar. Prima voor vandaag, in zijn geheel in de pan kieperen. Lekker roeren tot het begint te pruttelen en de geur van alcohol vervlogen is, en alles wat zoetig begint te ruiken. Paar scheppen bouillon en een laurierblad of twee toevoegen en alles mag de over in voor een uurtje of vier (140 graden ongeveer).

Aardappels schillen en half uurtje koken in de overgebleven bouillon. Fijnstampen met een flinke scheut melk, paar draaien peper en wat klontjes boter. Na het stampen doorroeren tot het een lekkere plakkerige zachte massa wordt. Purree. De rode kool even laten uitlekken, we willen niet teveel vocht in de ovenschaal. Het geheel opbouwen. Het stoofvlees onderop, de rode kool daar op en de purree daar weer op. Alles bij elkaar al zo’n vijf uur bereidingstijd, maar ach, het is zondag! Als finishing touch een mooi krokant laagje. Of tenminste dat was het idee. Een klein beetje paneermeel met wat kleine klontjes boter goed mixen met een garde en dan bovenop de rest als laatste laag.

250 graden

Oven op 180 graden en de timer op dertig minuten. Het bovenste laagje ziet bij de eerste wekker nog wat witjes. Nog maar tien minuten op 200 graden dan. Ook na het tweede signaal van de ovenwekker ziet alles nog steeds wat blank. De schaal dan maar iets naar boven en alles nog eens tien minuten langer, nu op 250 graden, iets met geduld. De wekker gaat voor de laatste keer, de keuken ruikt inmiddels niet meer naar de mix van hartig en zoet van de twee verschillende stoven, maar naar een vuurkorf die nog wat nasmeult op een feestje wat tegen het einde begint te lopen en waar al even geen vers hout meer op gegooid is. Oven open, mooie wolk rook de keuken in.

Het krokantje laagje is er! Het is alleen wel wat zwart en verdwijnt ook linea recta weer de prullenbak in. Timing blijft essentieel.