#187 Hard, harder, hardst

De dag begon gisteren met een stevig ontbijt. Dit zou ook meteen zo ongeveer als lunch dienen, aangezien de bus om 12:15 zou vertrekken. Dat betekende 12:00 uur op de fiets, de stationsfiets, die eerst nog naar beneden moest worden gehaald in de schuur. Door dit strakke tijdsschema is een klein verhaal er gisteren een tikkeltje bij in geschoten. Aangezien ik vandaag verder helemaal niets op de planning heb, net zoveel noodzaak als luxe, zal er vanavond dus naar alle waarschijnlijkheid nog een tweede verschijnen.

Maar goed, de bus. Waar gaat die bus heen? Die bus brengt ons naar Erp, naar een ietwat uit de kluiten gewassen dorpsfeest. Op deze zaterdag voor pinksteren staat het eerste feestje van een tweeluik op het programma, vandaag, op eerste pinksterdag, is er nog eentje aan de gang. Zodra de bus is aangekomen wordt eerst een klein half uurtje gewandeld, via verlaten industrieterreinen en als parkeerplaats dienst doende weilanden, richting de ingang. We zijn vroeg, rond half drie zijn we al goed en wel binnen en wetende dat het vuurwerk als teken van het einde pas om +/- 01:00 uur de lucht in geschoten wordt, bereiden we ons voor op een lange dag. Een dag waarin alle mogelijke vormen van energie aangesproken moeten worden, want stilstaan en rust is er niet bij op dit feestje.

Ik heb het hier namelijk over ‘Harmony of Hardcore’, een naam die weinig aan de verbeelding over laat. Een festival compleet gewijd aan de muziek van voor zover ik weet de enige echte internationaal bekende Nederlandse subcultuur; hardcore. Eén van mijn medefeestgangers komt in de bus pas tot het besef dat het aantal beats per minuut vandaag nergens tot onder de 160 per minuut zal komen, met uitschieters tot waarschijnlijk ergens richting de 300 per minuut. Niet voor tere zieltjes dus, enkel voor de liefhebbers. Één of twee keer per jaar ben ik zo’n liefhebber. Vandaag samen met 29.999 anderen. Gehoorbeschadeging ligt op de loer en naast je oren, ook de rest van je organen die letterlijk het dreunen van de zware en snelle bassen voelen en het soms zelfs lijkt alsof je even een centimeter of vijf van je plaats wordt geblazen.

Het vuurwerk gaat de lucht in, ik zie dit samen met nog een paar afgehaakte strijders van achteraan op een heuvel. Degene naast me vraagt of ze nu in mijn verhaaltje komt morgen. ‘Dat weet ik nog niet’, antwoord ik. Drie kwartier voor het einde is alle energie vergeven. Het was het waard, een dagje bijkomen was vooraf al ingepland.

Woordenchef-hardcore-2.jpg

…..

Fotocredits headerfoto: Denise Verkerk

#185 Dubbele espresso

Ik schuif wat later aan. Het is een lastminute plan. Links naast me zit een Deense Chinees. Of nou ja, het is gewoon een Deen, hij woont alleen al lang in China. Rechts naast me zit een Amerikaan. Gewoon een Amerikaan. De gesprekken gaan wederom in het Engels. Er is een flesje wijn en waarempel menukaarten in het Engels.

Photo by Tyler Nix on Unsplash

De Buurvrouw is blijkbaar voorbereid op internationale gasten. Komen er veel internationale toeristen in Tiel? Dit is de eerste keer dat ik tijdens een etentje met mensen die weinig tot geen Nederlands spreken, de menukaart niet grotendeels hoef te vertalen en uit te leggen. De onderwerpen van gesprek zijn China en Amerika en alles wat daar tussenin zit. Nogal veel dus. De serveerster komt tot twee keer toe vragen of we al een keuze hebben gemaakt, terwijl we nog niet eens hebben gekeken. En dat ligt niet aan het feit dat ze haast heeft of ongeduldig is, wij zijn gewoon traag.

De intensheid en het volume van de gesprekken neemt wat af, de fles wijn wordt aangebroken en verdeeld over de vijf glazen en we slaan de menukaarten voor onze neus open. Iedereen zoekt iets naar zijn smaak. Zo ook ik zelf. Het is lang geleden dat ik hier geweest ben, maar ik hoorde slechte verhalen over de kip, die volgens de sous-chef nogal droog was. Die valt dus af. Mijn oog valt op een ‘duet buurman en buurvrouw’. Een stukje varken en een plakje koe. Drie keer is scheepsrecht en de verantwoordelijke voor onze tafel kan eindelijk haar notitieblokje erbij pakken.

Inmiddels vliegen de ervaringen alweer over de tafel, tot de borden met de verschillende gerechten arriveren. Een pauze in de stortvloed aan verhalen. Er wordt afgesloten met vier espresso’s, waarvan twee dubbele en een muntthee. Er is ook een variatie aan chocolaatjes, die links naast me herinneringen oproepen aan een tijd waarin er wat meer kilo’s meegedragen moesten worden. Het klinkt bekend, ook hij heeft hardloopschoenen die hij regelmatig aantrekt. De rekening gaat op zijn Hollands.

#184 Voorbeeld

De wekker ging vroeg vanochtend. Iets met de belofte een klus te klaren voor alle anderen aan het werk gaan, zodat er geen schema’s in de knoei raken. Na de gezellige avond leek de ochtend echter nog sneller aan te breken dan normaal. Enigzins verdwaasd staat mijn lichaam in de badkamer, niet helemaal bewust van wat er ook alweer allemaal in welke volgorde dient te gebeuren. Na enkele minuten schakelt ook mijn brein zichzelf in en lijkt het minuut na minuut zachtjes aan wat vloeiender te gaan.

Photo by rawpixel on Unsplash

Eenmaal beneden functioneren lichaam en geest weer zo goed als mogelijk is als een team. De klok op de oven, die zelfs een minuut of tien voorloopt, net als mijn wekker, geeft aan dat het net half zes is. Een tijd die de rode led-cijfers op mijn wekkerradio vaak niet eens laten zien. Althans, niet zichtbaar voor mijn ogen. Die zitten meestal nog dicht rond die tijd. Ik draai het ochtendritueel af en laat enkele dingen bestemd voor de sous-chef achterwege, aangezien die voorlopig toch niet opstaat en je met koude thee en een zacht geworden cracker met hagelslag niemand een plezier doet.

De krant is er nog niet, en dat is jammer. Een vast onderdeel van mijn ochtendritueel is namelijk het rustig lezen van de dagelijkse voorpaginacolumn van Arnon Grunberg. De voetnoot. Dit stukje, van maximaal 149 woorden schijnt een bijzonder licht op de gebeurtenissen in deze wereld. Het legt de idiootheid van dingen die mensen zichzelf en anderen aandoen bloot. Soms vind ik het geniaal, andere keren snap ik er geen hout van. Althans niet meteen, soms valt het kwartje pas later.

Arnon stopt ermee. Vandaag is zijn 2500ste voetnoot en ook meteen de laatste. Ik lees hem pas in de avond, in plaats van in de ochtend. Ik lees hem terwijl ik verschillende restanten van eerder gemaakt voedsel naar binnen zit te werken. ‘Een voedzame maaltijd zo’, hoor ik licht sarcastisch vanaf de andere kant van de tafel. De krant wisselt ook van lezer. De zeven basisregels voor het schrijven een goede voetnoot, volgens Arnon Grunberg zelf worden eruit gescheurd. ‘Die moet je bewaren’, hoor ik. Dat vind ik ook, ze mogen op de WC.

Regel 1, een voetnoot mag niet langer zijn dan 149 woorden. Mooi, die regel breek ik dagelijks. Of toch niet, ik schrijf geen voetnoot. Is Arnon een voorbeeld? Misschien wel. 2500 lijkt me veel, ik richt me voorlopig op 250.

…..

PS Lezers werden gevraagd een eigen voetnoot te schrijven, bij wijze van afscheid. Ik schreef er één:

Woordenchef-voetnoot-2

#183 Internationale Barbecue

Gisteren had ik het al even kort over marinades. Dit was toen niet bepaald het belangrijkse onderwerp van de dag, maar het heeft invloed gehad op de gebeurtenissen van vandaag, dus ik kom er toch nog even op terug. Nadat ik gisteravond in het donker de groentes in spé in de kas nog even van een slokje water had voorzien, was het toch nog even tijd om een flinke lading kipfilet en een portie chicken wings van wat extra smaak te voorzien. Het was door de fijne omstandigheden al laat, maar dat hinderde niet.

Vandaag stond er namelijk een klein etentje in de agenda. De mannen die ik in het dagelijkse kantoorleven mijn collega’s mag noemen, zouden namelijk komen barbecuen. Aangevuld met mijn vriend uit Japan en onze man uit Amerika. Het had niet veel gescheeld of er was ook nog een Deense Chinees aangeschoven, maar die had net een vlucht te laat te pakken. Maar goed, voor dit bonte gezelschap aan manvolk zou ik vandaag dus een barbecuetje verzorgen. Op mijn voorstel ook nog, dus dan is een kleine effort voor wat betreft het marineren van wat vlees wel op zijn plaats.

De kipfilet, die later de saté zal vormen, of yakitori, wellicht een betere benaming in dit geval, krijgt een Japanse twist mee. Gesnipperde ui, zonnebloemolie, sojasaus, wasafuru (wasabi-tabasco), yuzu, citroen, oestersaus, bruine basterdsuiker en wat peper. De kippenvleugeltjes worden wat Amerikaanser op smaak gebracht. Goed veel geperste knoflook, blikje cola, olijfolie, zwart zeezout, tabasco, worchestersauce, peper en een goede splash Heinz ketchup. Beide varianten hebben vannacht lekker in een afgesloten plastic zak in de koelkast doorgebracht, om de smaken diep te laten doordringen.

Na wat biertjes op de loungebank, gesprekken in het Engels, Nederlands en een mix daarvan, is het tijd om de yakitori op de barbecue te leggen. Hij valt in de smaak, net als de rest. Het is gezellig, een woord wat steeds internationaler bekend lijkt te worden.

#180 Via Frankrijk naar Indonesië

‘Ga je nu echt nog schrijven?’, vraagt mijn chauffeur wanneer we bijna thuis zijn. ‘Ik weet het nog niet’, is mijn antwoord. Ergens weet ik al dat ik dat inderdaad ga doen ja, maar toch komt dat vertwijfelde antwoord uit mijn mond. Geen idee waarom eigenlijk.

Photo by Bill Williams on Unsplash

Vijf minuten later zit ik dus in het donker aan de keukentafel een eerder gedane belofte van vandaag in te lossen. Wederom uitstellen tot morgen had gevoeld als falen en bij nummer #180 is dat toch jammer, en onnodig. Eén keer verliezen met het einde in zicht is wel genoeg voor deze avond. Eén plekje voor de finishlijn op het 30-seconds bord ingehaald worden, omdat je ‘Candy Dulfer’ niet voordat het laatste druppeltje zand is weggelopen weet uit te brengen als antwoord op; ‘iets met een saxofoon’, is erg genoeg.

Dat potje 30-seconds, en daaropvolgend nog eentje, die wel werd gewonnen en daaropvolgend óók nog een spelletje rummikub, ook gewonnen (jaja, borstklopperij…), volgde weer op een overheerlijke Indische maaltijd. Soto-soep stond er dit keer op het programma bij deze specialisten op het gebied van deze keuken. Een lava-cake met aarbeien en ijs als toetje maakte deze verwennerij compleet en dan neem ik de fijne speciaalbiertjes zomaar voor lief.

Dit culinaire avontuurtje volgde op haar beurt weer op een ander fijn stukje entertainment wat vandaag plaatsvond in ons eigen theater. En dan met name op het nieuw aangelegde terras. Dat het gisteren zomaar opeens af was, mag namelijk geen toeval heten, dit was een onvervalste deadline. Vandaag zat hier namelijk een familie die niet vaak in deze samenstelling te bewonderen is, deels uit Frankrijk, deels uit Tiel, te genieten van de zon, van eigengemaakte lekkernijen en van elkaar.

En van wijn. Dat is fijn aan Franse lunches, daar hoort wijn bij. Ik denk dat we als uitwisselingsprogramma ook daar maar eens moeten gaan lunchen.

#174 Aarbeien en een Japanse kat

Gisteren was natuurlijk een kleine klaagzang en een stukje schaamteloos zelfmedelijden. Excuus daarvoor. Soms is dat fijn, soms is dat nodig. Het lijkt te hebben geholpen. Weinig meer aan het handje vandaag met ‘De Knie’.

De ochtend begon vroeg, blijkbaar voldoende uitgerust door de lamballerij en minimale inspanningen van gisteren. ‘Het wordt tijd dat je weer wat nuttigs doet’ schreeuwde mijn verstand vanochtend tegen mijn lichaam. En waarempel, mijn lichaam kwam in beweging zonder te sputteren. Een klein bordje met aarbeien belegde beschuit werd er klaargemaakt voor de uitslapende sous-chef. Die wist niet wat helemaal wat er gebeurde, wreef de slaap uit haar ogen en wist toen eigenlijk nog steeds niet wat er gebeurde.

Tijd om dit schouwspel van wakker worden helemaal te bekijken had ik niet, dus op naar de volgende klus. Zoals ik al eerder heb aangegeven is er onvoorzien een wekelijkse taak het schema binnengeslopen, dus reed ik de grasmaaier naar buiten. Gras kort, parasol van de zolder in de garage en kijken of de sous-chef al beneden is. Parasol van zolder? Jazeker. Vandaag staat er een dagje op een Nijmeegs waalstrand op het programma ter ere van een verjaardag en volle zon schijnt niet goed te zijn voor zwangere buiken. En laat de sous chef nu zo’n buikje hebben.

Voorafgaand aan het strand eerst nog even Nijmegen zelf in, op zoek naar wat kleding om die buik in kwijt te kunnen. Tijdens deze zoektocht word ik onverwachts getipt over een boek wat heet ‘reisverslag van een kat’, geschreven door een Japanse auteur. De tipgever denkt dat dit weleens iets voor ons zou kunnen zijn. Daar kon ze best eens gelijk in hebben. De boekhandel die we meteen maar even opzoeken heeft wel een boek over een kat, geschreven door een Japanner, maar dit blijkt een ander meesterwerk. Het hindert niet, doe die toch maar, en doe die Murakami er ook maar bij.

Door naar de hoofdbestemming van vandaag. Onderweg roept een jochie van nog geen meter hoog, die toevallig ook naar dezelfde bestemming op weg is samen met zijn ouders; ‘hé dat zijn onze vrienden!’, wanneer hij ons in het oog krijgt. Inderdaad, vrienden, dat is waar de rest van de dag om draait en volgens mij zien perfecte zondagen er ongeveer zo uit als deze.

#172 Om wie zij waren

Vandaag is mijn eerste redactionele stukje op Tokyo.nl verschenen. Ik ben hier trots op, dus ik meld het hier gewoon nog een keer. Het is een stukje over één van de steden die ik en het leukste reisgezelschap ter wereld, vorig jaar tijdens onze rondreis door Japan hebben bezocht. De stad is Takayama, waarschijnlijk niet heel erg bekend. Wil je er meer over weten, lees dan het stukje zou ik zeggen. Schaamteloze zelfpromotie, jazeker, dat zal nog wel vaker voorkomen, aangezien er nog meer stukjes zullen volgen.

Photo by Annie Spratt on Unsplash

Gelukkig hebben we tijdens die reis een aardig dagboekje bijgehouden wat een goede basis biedt. Het teruglezen van zo’n boekje brengt ook meteen weer de fantastische herinnering aan die tijd terug. Soms lijkt het net alsof je weer even terug bent. Nooit geweten dat herinneringen zo levendig konden voelen en dat doet me huiveren wanneer ik dat aan vandaag koppel. Vandaag is tevens een dag van andere herinneringen, een dag van herdenken. Vandaag is Nederland stil, twee minuten, zo ook wij.

Dit om degene te herinneren die, zoals de stem op tv klinkt; ‘zijn vermoord om wie zij waren’. Vermoord worden om wie je bent. Ik kan me er niets bij voorstellen. Het doet zeer wanneer ik me dit probeer voor te stellen. Het doet ook zeer om te weten dat dit op plekken elders in de wereld nog steeds gebeurd. Vermoord worden om wie je bent. Er wordt in de verte geschreeuwd, een minuut of wat voor de stilte. Iemand met een mening ergens over zo heb ik begrepen. Vandaag gaat het alleen niet over meningen, zoals het al teveel over meningen gaat tegenwoordig.

Dit gaat over feiten, over verschrikkelijke feiten, die nooit vergeten mogen worden. Die we één keer per jaar moeten proberen onszelf voor te blijven stellen.

#170 Kabeljauw en Mo Salah

Vanochtend las ik in de krant, ja dat papieren ding dat door een persoon iedere dag door de brievenbus wordt geduwd, iets over ene Mo Salah. Mohammed Salah Ghaly om precies te zijn. En om eerlijk te zijn, als er geen foto bij had gestaan van deze Mo in een voetbalshirt, dan had ik gedacht dat het een zoveelste bericht was over de oorlog in Syrië, of in Jemen, of een ander conflict in die hoek. Ik schaamde me meteen voor deze stereotyperende gedachte. Maar dat is ook een beetje inherent aan de krant lezen, aan vooral de headlines scannen. Je vult dingen snel in, vaak verkeerd.

Kranten staan vol met naar nieuws, over conflicten, oorlogen en andere misdaden. Al zo lang er kranten bestaan. Het bericht over Mo was een ander soort bericht. Een postief stuk. Over een jongen uit Egypte, die zich in de voetbalwereld als enige lijkt te kunnen meten met Messi en Ronaldo. De speler van Liverpool blijkt ook een filantroop die veel goeds doet voor zijn geboorteplaats. Een bescheiden jongen. Lijkt me een mooie kerel. Dat ik lang geen voetbal meer heb gekeken blijkt wel uit het feit dat ik hem simpelweg niet kende, nog nooit van gehoord zelfs. Toch besluit ik door het verhaal dat ik de wedstrijd van vanavond best weer eens kan bekijken. Eens zien wat Mo allemaal kan.

De wedstrijd gaat tussen de huidige club van Mo en de vorige club van Mo. Liverpool en AS Roma. In de eerste ontmoeting tussen tussen de twee clubs schijnt hij te hebben geschitterd. Na een gebakken kabeljauw met geroerbakte brocolli en notenrijst, is het eerst nog even tijd voor een paar kilometers op de hardloopschoenen. Ik ben precies op tijd voor de voorbeschouwing en die is nog even tenenkrommend als altijd. Ik zie Edgar Davids zitten en hij lijkt te praten, maar ik weet niet wat hij zegt.

De wedstrijd begint, ik pak nog snel even wat fruit in de keuken en mis meteen al een eerste goal. De gelijkmaker mis ik op één of andere manier ook, maar gelukkig zie ik nog wel een landgenoot scoren. Maar waar is Mo? Mo is onzichtbaar. Geen geweldenaar. Geen wereldtopper. Ik zie hem niet. Het is rust. Ik ben de aandacht alweer verloren.

Wat zal er morgen in de krant staan?

….

PS 10,5km

De dagelijkse 250 #4

Ja nummer 4 dus, gisteren was nummer 3, alhoewel dat niet in de titel terug te vinden was. Vandaag is het zondag, een dag waarop normaliter to-do lijstjes worden afgewerkt, of het woord ‘lui’ keer op keer opnieuw uitgevonden wordt. Bij aanvang van de dag is het lot van deze zondag nog onbestemd, het kan alle kanten op. Vast staat dat de vriezer ontdooit moet worden omdat hij zo’n beetje weigert nog fatsoenlijk dicht te gaan. Ook lijkt het erop dat de verwarming een rondje ontluchting kan gebruiken (dit blijkt niet het geval). Tot zover de genoemde to-do list.

Klassiek op zondag

Aangezien het nog redelijk vroeg is om aan de dag te beginnen, zo’n 08:07 uur, verras ik mezelf blijkbaar en heb geen idee in welke volgorde ik dingen zal aanpakken, of überhaupt wát ik allemaal ga doen (of vooral ook, niet ga doen). Deze lichte vlaag van verstandverbijstering zorgt er tevens voor dat ik voor de vierde keer deze week vergeten lijk te zijn dat er vandaag een klassiek concert van het ‘Van Amsterdam’ duo in de Caecilia kapel op het programma staat. Iets met een strijker, een trekzak en Stravinsky. Wederom vergeten dus, maar gelukkig ben ik vroeg wakker, dus het besef dat deze dag wel degelijk een fixed-agenda item kent is er alsnog snel en veroorzaakt dan ook weinig paniek. Aangezien er iemand ziek blijkt te zijn en ik dus alleen naar dit concert mag, komt het nog heel even in me op om het feest dan maar helemaal af te blazen. Maar, dat zou toch een tikkeltje zonde zijn, dus ik besluit solo op pad te gaan het einde van de ochtend.

Woordenchef-paprika-soep-zondag-klassiek-vanamsterdam.jpg

Soep du jour

09:23 zegt de klok op het fornuis, dus ik heb nog even de tijd voor ik me richting dit muzikale intermezzo sleep. Er ligt nog een schaal paprika’s redelijk onaangeroerd en één of twee dagen verwijderd van schimmel naar me te kijken. Soep! Ik maak er soep van. Soep kun je overal van maken namelijk. Tenminste, van veel wel. Twee pannen op het vuur, één grote, en eentje voor de bouillon. Gewoon van blokjes uiteraard, het is wat teveel gevraagd om op dit tijdstip ergens een kip te vangen en er na het uitbenen een bouillonnetje van te trekken. Dus, een liter of twee water, ietsjes meer. Vier of vijf van die blokjes erin en vuur eronder.

Yuzu

Een bodem olie in de andere pan, uitje fijn snijden, zooitje knoflookteentjes uitpersen en fruiten maar. Normaal zou ik er een flinke draai zout overheen gooien, maar ik besluit voor sojasaus te gaan deze keer. Eén zo’n miniflesje sojasaus van ‘I Love Sushi’, left over van het thuisbezord-diner van de vorige zondag. Prima sojasausje en zonde om weg te gooien. Een vleug kurkuma er overheen, mooie kleur, en doe eens gek, ook een theelepel of wat gedroogde yuzu, ik hoop dat het soepje daar een lekkere frisse smaak van krijgt en uiteraard een klein Oosters tintje. Na een minuut of vijf fruiten kunnen ook de paprika’s erbij, volgens mij een stuk of acht kleintjes, mooi fijn gesneden. Er liggen ook nog wat tomaten zacht te worden op een andere schaal, dus die mogen er ook bij. Beetje zoetigheid in de soep is wel lekker en ze kunnen het prima vinden met de paprika’s.

Woordenchef-paprika-soep-zondag-pannen.jpg

Staafmixer

Als alles lekker begint te ruiken en het op een zacht smeuïg geheel begint te lijken, garend in hun eigen vocht, mag de bouillon erbij. Met een soeplepel in scheppen, om tussendoor de verhouding vocht en groente een beetje in de gaten te houden, of gewoon de hele pan in één keer als je zeker van je zaak bent. Minuut of twintig op hoog vuur koken, af en toe roeren. Van het vuur af, staafmixer erin en mixen tot het een mooie gladde soep is. Mooi oranje kleurtje, lekker geurtje, komt goed! Nog een minuutje of tien terug het vuur op, paar draaien peper erin en eventueel wat zout naar smaak.

Een fris paprikasoepje met een kleine Oosterse knipoog, ook lekker als je ziek bent.

Woordenchef-paprika-soep-zondag-oranje.jpg

International lunch

Zomaar een zaterdag in november. ’s Ochtends een deel van ons nieuwe stuk grond, bestemd voor de kippen, gereed gemaakt voor een partij graszoden. Het walsen en het leggen zelf heb ik overgelaten aan de meesterklusser en haar trouwe hulp. Snel douchen en op de fiets naar Kerk-Avezaath. Een tochtje wat op deze dag meteen herinneringen oproept, zo ver terug zelfs dat ik me een tunneltje onder de A15 herinner in plaats van een viaduct. Lang geleden.

Deurbel

Het voelt als een jaar of vijfentwintig geleden dat ik deze oprit opfietste, vroeger stond er altijd een rode camper, die is er blijkbaar niet meer. Vijfentwintig jaar kan het trouwens niet zijn, zo oud ben ik nou ook weer niet. De bel lijkt ook anders, maar verder is er volgens mij niet zoveel veranderd. Het aanbellen voelt onwennig, maar daarna nemen de herinneringen aan vroegere avonturen en het vertrouwde gevoel al snel de overhand. Er wordt Engels gesproken, soms gemixt met Nederlands, want de kleine wordt tweetalig opgevoed. De kleine is ongeduldig en loopt continu instabiel, maar vastberaden rondjes langs de tafel. De moeder van, die nu de oma van is, er trots omheen.

Nostalgie en toekomst

Nieuwe dingen dus, nieuwe levens. Nog meer nieuwe levens, vergezeld van vertrouwde gezichten komen binnen. Nostalgie aangevuld met de toekomst. Een bijzondere mix. Het gesprek gaat over geluk, en over ongeluk, en hoe dicht dit soms bij elkaar ligt. Er is koffie en een taartje. De celebrations op tafel hebben vooral de aandacht van de kleine. De vader van, nu opa, speelt zijn nieuwe rol oscarwaardig.

Er is vlees van de barbecue, op zijn Australisch, want Nederland lijkt voor ons allemaal een beetje te klein. En er is bier, want sommige dingen veranderen nooit. Grolsch uiteraard.