#186 Aubergines

Het zorgt voor een glimlach op mijn gezicht. Ik rijd de straat in op mijn leenfiets en zodra ik zicht krijg op ons landgoed, zie ik de sous-chef precies nog richting de achterdeur lopen. Ze draait haar hoofd en ziet mij ook. Een lach verschijnt, ook daar, en ik klingel wat met het lullige belletje op het stuur van dat tijdelijke rijwiel.

Na een lekkere van hot-naar-her dag, met een groep Japanners, filmcamera’s, een bouwvergadering, afscheid van een paar internationale collega’s en een verdwaalde brandoefening, zou ik mijn best doen om voor vijf uur thuis te zijn. Dit lukte glansrijk en er was nog precies even tijd om een kleine blik te werpen in het glazen huis hier naast de garage. Of nou ja, het aluminium huis met plastic ramen. Afgelopen weekend heb ik het stuk overdekte grond ingezaaid en voorzien van de eerste opgekomen stekjes. De sous-chef is nieuwsgierig en kijkt aandachtig mee naar wat er al te ontdekken valt.

De courgettes en komkommers zijn al miniplantjes, de radijsjes komen ook al in grote getalen boven de grond kijken en met onze neuzen wat dichter op de aarde zien we ook wat rode kool, rucola, pluksla en spinazie hun best doen groter te worden. Als laatste denken we een verdwaalde auberginespruit op te zien komen, maar dit kan ook onkruid zijn. Het geeft een licht euforisch gevoel, al dit nieuwe leven te zien groeien op een bedje van grond, midden in een woonwijk.

Naast degene groeiend in de kas, liggen binnen volgroeide en geoogste aubergines te wachten, alvorens ze in de oven geroosterd kunnen worden. Maar er wacht eerst nog een andere missie; een bedje, ook voor nieuw leven, niet van grond, maar van hout. ‘Past dat wel in onze auto?’, merkt mijn bijrijder op. Eerst maar even langs opa, die heeft een grotere auto.

#183 Internationale Barbecue

Gisteren had ik het al even kort over marinades. Dit was toen niet bepaald het belangrijkse onderwerp van de dag, maar het heeft invloed gehad op de gebeurtenissen van vandaag, dus ik kom er toch nog even op terug. Nadat ik gisteravond in het donker de groentes in spé in de kas nog even van een slokje water had voorzien, was het toch nog even tijd om een flinke lading kipfilet en een portie chicken wings van wat extra smaak te voorzien. Het was door de fijne omstandigheden al laat, maar dat hinderde niet.

Vandaag stond er namelijk een klein etentje in de agenda. De mannen die ik in het dagelijkse kantoorleven mijn collega’s mag noemen, zouden namelijk komen barbecuen. Aangevuld met mijn vriend uit Japan en onze man uit Amerika. Het had niet veel gescheeld of er was ook nog een Deense Chinees aangeschoven, maar die had net een vlucht te laat te pakken. Maar goed, voor dit bonte gezelschap aan manvolk zou ik vandaag dus een barbecuetje verzorgen. Op mijn voorstel ook nog, dus dan is een kleine effort voor wat betreft het marineren van wat vlees wel op zijn plaats.

De kipfilet, die later de saté zal vormen, of yakitori, wellicht een betere benaming in dit geval, krijgt een Japanse twist mee. Gesnipperde ui, zonnebloemolie, sojasaus, wasafuru (wasabi-tabasco), yuzu, citroen, oestersaus, bruine basterdsuiker en wat peper. De kippenvleugeltjes worden wat Amerikaanser op smaak gebracht. Goed veel geperste knoflook, blikje cola, olijfolie, zwart zeezout, tabasco, worchestersauce, peper en een goede splash Heinz ketchup. Beide varianten hebben vannacht lekker in een afgesloten plastic zak in de koelkast doorgebracht, om de smaken diep te laten doordringen.

Na wat biertjes op de loungebank, gesprekken in het Engels, Nederlands en een mix daarvan, is het tijd om de yakitori op de barbecue te leggen. Hij valt in de smaak, net als de rest. Het is gezellig, een woord wat steeds internationaler bekend lijkt te worden.

#180 Via Frankrijk naar Indonesië

‘Ga je nu echt nog schrijven?’, vraagt mijn chauffeur wanneer we bijna thuis zijn. ‘Ik weet het nog niet’, is mijn antwoord. Ergens weet ik al dat ik dat inderdaad ga doen ja, maar toch komt dat vertwijfelde antwoord uit mijn mond. Geen idee waarom eigenlijk.

Photo by Bill Williams on Unsplash

Vijf minuten later zit ik dus in het donker aan de keukentafel een eerder gedane belofte van vandaag in te lossen. Wederom uitstellen tot morgen had gevoeld als falen en bij nummer #180 is dat toch jammer, en onnodig. Eén keer verliezen met het einde in zicht is wel genoeg voor deze avond. Eén plekje voor de finishlijn op het 30-seconds bord ingehaald worden, omdat je ‘Candy Dulfer’ niet voordat het laatste druppeltje zand is weggelopen weet uit te brengen als antwoord op; ‘iets met een saxofoon’, is erg genoeg.

Dat potje 30-seconds, en daaropvolgend nog eentje, die wel werd gewonnen en daaropvolgend óók nog een spelletje rummikub, ook gewonnen (jaja, borstklopperij…), volgde weer op een overheerlijke Indische maaltijd. Soto-soep stond er dit keer op het programma bij deze specialisten op het gebied van deze keuken. Een lava-cake met aarbeien en ijs als toetje maakte deze verwennerij compleet en dan neem ik de fijne speciaalbiertjes zomaar voor lief.

Dit culinaire avontuurtje volgde op haar beurt weer op een ander fijn stukje entertainment wat vandaag plaatsvond in ons eigen theater. En dan met name op het nieuw aangelegde terras. Dat het gisteren zomaar opeens af was, mag namelijk geen toeval heten, dit was een onvervalste deadline. Vandaag zat hier namelijk een familie die niet vaak in deze samenstelling te bewonderen is, deels uit Frankrijk, deels uit Tiel, te genieten van de zon, van eigengemaakte lekkernijen en van elkaar.

En van wijn. Dat is fijn aan Franse lunches, daar hoort wijn bij. Ik denk dat we als uitwisselingsprogramma ook daar maar eens moeten gaan lunchen.

#178 Accuboormachine

Het hout wat me deze week bij thuiskomst iedere keer al lag aan te staren en ik inmiddels al twee keer in mijn handen heb gehad, verdiende het om vandaag verder verwerkt te worden. Niet ik alleen, er was hulp. De hulp die zelf ook als één van de eerste klussen even de stapel hout naar een andere plaats versjouwde. Het lag wederom in de weg.

Photo by Steve Johnson on Unsplash

De initiator en bedenker van vele klussen hier in huis, hield zich daarna bezig met het boren van enkele gaten, wisselen van accu’s in de schroef- en boormachines, tot er boortjes begonnen af te breken en accu’s niet snel genoeg meer oplaadden. Enige irritatie ten gevolge, aangezien ikzelf op dat moment inmiddels ook wel een volle accuboormachine kon gebruiken om de eerste van de 613 schroeven vast te zetten, nadat deze netjes voorgeboord waren met jawel, een accuboormachine. Een tussenoplossing leek het voorboren dan maar met de boorhamer met snoer te doen, een tikkeltje te zwaar voor deze klus, maar het werkte.

Na een schroef of vier diende de volgende accuwissel zich echter al weer aan, dus het leek tijd voor een echte oplossing. Na nog wat irritaties over en weer tussen mijn medeklusser en ik, werd de knoop doorgehakt. Er moest een nieuwe komen. Een goeie. Op naar de Gamma, mijn voorkeurswinkel wanneer het over bouwmarkten gaat. Toevallig stond er één als aanbieding in het krantje deze week, die moest ik hebben. Toeval? Natuurlijk is dit geen toeval, de marketeers bij Gamma weten ook prima dat dagen als deze bijna tot nationale klusdag zijn verheven. Ik ben ze dankbaar deze keer.

Dit is dan ook goed te zien op het parkeerterrein van de kluskeet. Zoeken naar een plekje, nog nooit vertoond. Al snel vinden we het schap vol met de bewuste aanbieding. Toch een lichte twijfel of ik niet toch diegene eronder moet hebben. Nee, ik blijf bij de initiële keuze, het wordt de Makita, altijd al zo’n ding willen hebben. Er wordt nog een extra houten balk uit een schap gegrist, alsmede een nieuw setje houtboren, er zijn er inmiddels wat teveel afgebroken.

De tweede helft van de klusdag gaat beduidend beter. Minder irritatie, betere samenwerking, betere communicatie. Morgen is het vernieuwde terras af. Zaterdag gaan we er van genieten, voor we door gaan naar de volgende klus.

Krokant laagje

We nemen, een bakje overgebleven gestoofde rode kool van een week of twee geleden uit de vriezer. Een pakje runderpoulet, uit de andere vriezer die in de schuur staat, ooit geleverd door de vrienden van koopeenkoe.nl en de laatste aardappelen uit de zinken emmer op de keukenvloer. Het vlees is wat laat uit de vriezer gekomen, dus even snel in een bak koud water om snel te ontdooien.

Uit de tuin

Het plan is eerst een soort stoof te maken van het vlees zelf en daarna alles samen als een ovenschotel nog een keer extra in de oven. Uit de tuin komt nog wat bleekselderij en een handjevol kruiden. Uien zijn altijd wel in huis en uit de groentela in de koelkast komt een winterpeen. Het vlees is inmiddels ontdooit en kan in stukken worden gesneden. Althans, dat was het al, maar sommige hompen ietsjes fijner snijden kan geen kwaad.

In een braadpan wat olie en een flink stuk boter samen verwarmen en laten smelten. Vlees erin, vuur niet superhoog, maar ook niet te laag. Beetje zout er over zodat de sappen er goed uitkomen. Ondertussen een litertje of wat bouillon op het vuur. Zodra het vlees aan alle kanten dichtgeschroeid is, mag het er weer uit, het vocht kan in de pan blijven. Fijngesneden peen, uien en bleekselderij in de pan, minuutje of tien fruiten, vlees er weer terug bij. Even samen goed verwarmen zodat alles weer dezelfde temperatuur krijgt. Een flinke stuif bloem er over, zodat de smaken er goed inblijven en roeren tot het allemaal lekker aan elkaar plakt.

Speciaalbiertje

In de koelkast nog een speciaalbiertje gevonden. Brand Sylvester, als ik het goed herinner een overblijfsel van een speciaalbieravond van vorig jaar. Prima voor vandaag, in zijn geheel in de pan kieperen. Lekker roeren tot het begint te pruttelen en de geur van alcohol vervlogen is, en alles wat zoetig begint te ruiken. Paar scheppen bouillon en een laurierblad of twee toevoegen en alles mag de over in voor een uurtje of vier (140 graden ongeveer).

Aardappels schillen en half uurtje koken in de overgebleven bouillon. Fijnstampen met een flinke scheut melk, paar draaien peper en wat klontjes boter. Na het stampen doorroeren tot het een lekkere plakkerige zachte massa wordt. Purree. De rode kool even laten uitlekken, we willen niet teveel vocht in de ovenschaal. Het geheel opbouwen. Het stoofvlees onderop, de rode kool daar op en de purree daar weer op. Alles bij elkaar al zo’n vijf uur bereidingstijd, maar ach, het is zondag! Als finishing touch een mooi krokant laagje. Of tenminste dat was het idee. Een klein beetje paneermeel met wat kleine klontjes boter goed mixen met een garde en dan bovenop de rest als laatste laag.

250 graden

Oven op 180 graden en de timer op dertig minuten. Het bovenste laagje ziet bij de eerste wekker nog wat witjes. Nog maar tien minuten op 200 graden dan. Ook na het tweede signaal van de ovenwekker ziet alles nog steeds wat blank. De schaal dan maar iets naar boven en alles nog eens tien minuten langer, nu op 250 graden, iets met geduld. De wekker gaat voor de laatste keer, de keuken ruikt inmiddels niet meer naar de mix van hartig en zoet van de twee verschillende stoven, maar naar een vuurkorf die nog wat nasmeult op een feestje wat tegen het einde begint te lopen en waar al even geen vers hout meer op gegooid is. Oven open, mooie wolk rook de keuken in.

Het krokantje laagje is er! Het is alleen wel wat zwart en verdwijnt ook linea recta weer de prullenbak in. Timing blijft essentieel.

De dagelijkse 250 #2

Carnivoren

Biefstuk, worst, karbonade, schnitzel, filet, lever, tournedos, gehaktbal, bavette, ribbetjes, slavink, steak, drumstick, speklap, rollade en zo nog 453 onderdelen van allerlei mooie dieren. Runderen, varkens, kippen, eenden, herten, zwijnen, kangoeroes, schapen, lammetje, kalfjes, geiten, konijnen, fazanten, kalkoenen, duiven en in sommige contrijen honden, katten, opposums, ratten, of nou ja, zo’n beetje alle dieren die hier op deze bol rondlopen zullen ooit wel door iemand geproefd zijn.

In het ene deel van de wereld lust men nu eenmaal graag dat beestje wat op een andere plaats alleen als schattig huisdier wordt gehouden. Is het gek om te oordelen over iemand zijn eetgewoontes? Gek niet, we gaan nu eenmaal snel uit van onze eigen culturele normen en waarden en die gaan ook over welk dier gegeten mag worden en welk dier niet. Kortzichtig is het wel. Een beetje begrip voor het feit dat ieder land, volk, geloof, of weet ik veel wat voor soort cultuur, zijn eigen kijk op eten heeft is op zijn plaats.

Luxe

Wat wel universeel is, is dat het eten van een goed stuk vlees over het algemeen als ontzettende luxe wordt beschouwd. Ik ben het daar mee eens. Ik ben een vleeseter, ik geniet echt van een goed stuk vlees. De afgelopen tijd heb ik er nog meer van leren genieten door de luxe weer echt terug te brengen. Luxe voor mijzelf, maar ook een klein beetje luxe voor de beesten die in stukken op mijn bord verschijnen. De afgelopen decennia heeft de superefficiente vleesindustrie dit stukje luxe voor iedereen meer dan toegankelijk gemaakt, overdreven toegankelijk zelfs, ten koste van een aantal misschien toch wel belangrijke zaken. Voor de dieren in deze meatfactory’s is het over het algemeen geen groot feest. Ook schijnt deze vorm van boeren een aardige duit in het zakje van de CO2 uitstoot te doen.

Meer door minder

Nu ben ik geen uitgesproken aanhanger van de filosofie ‘less is more’, in veel gevallen is meer toch echt beter. In dit geval ben ik echter zelf verrast door het effect van een simpele wijziging. Koop beter en eerlijker vlees, ja duurder dus, maar zoveel lekkerder. Kwalitatief beter, zeker, maar ook het verhaal en de gedachte aan een beest dat toch nog iets van een leven heeft gehad draagt bij aan het geheel. Eén of twee dagen in de week vleesloos, klinkt als vloeken, maar het is heerlijk en compenseert de hogere prijs ook meteen. Vlees wordt weer speciaal, de smaak intenser en je ontdekt opeens dat vegetarische gerechten best te pruimen zijn en vaak zelfs innovatiever en intenser dan de ‘bijgerechten’ naast  de kiloknallers op je bord.

Anyway, vlees is heerlijk, ik zou niet zonder willen, maar doe eens gek, denk de volgende keer ook een eens aan de koe die op je bord ligt en of deze überhaupt ooit weleens een stuk gras heeft gezien, of alleen de grijze vloeren en binnenmuren van een fabriek.

#beterleven #vleeseter