McSpicy en McRib

Lunchen in een beursgebouw betekent vaak geen aaneenschakeling van culinaire hoogstandjes. Vandaag stond er ad hoc opeens McDonald’s op het menu. Na een slalom langs een hele berg scheepswerven die we graag even wilde spreken, of nou ja, mijn collega sprak, ik luisterde vooral aangezien mijn Chinees nog steeds niet echt ontwikkeld is, stonden we opeens in de McDonald’s.

Fastfood

In één van de McDonaldsen moet ik eigenlijk zeggen, want het complex is zo groot dat er prima ruimte is voor meerdere Mac’s. De keten doet hier echt zijn recht aan fastfood/ lopende band/eetfabriek. De keuze is beperkt en ik zie weinig speciale items. Doe menu B maar zeg ik tegen mijn collega, in de veronderstelling dat het een McChicken is. Op het papiertje staat echter McSpicy, dus toch wat speciaals te pakken.

Het menu wordt naar binnengewerkt zoals het besteld en klaargemaakt is, fast. De kip is inderdaad wat pittiger te noemen dan normaal, maar nog niet bepaald om over naar huis te schrijven. Dat moet toch echt beter kunnen. Mijn Japanse collega begint me inmiddels een beetje te kennen blijkbaar. Hij en mijn Chinese collega hebben blijkbaar besproken dat ik wel wat uitgesproken smaken kan hebben, dus er wordt wat interessants opgezocht na afloop van deze dag.

Woordenchef-shanghai-beef-tong

Kop tot staart

En ja, na een korte wandeling, stappen we ergens naar binnen waar de ingrediënten nogal in your face van een gigantisch karkas worden gesneden. Een flinke rund, alhoewel er niet veel meer van over is, hangt daar lekker te hangen. Uitleg aan tafel leert dat hier zo’n beetje alles van dat beest verdwijnt in de hotpot die zo meteen op tafel komt. Verser wordt het ook niet, want het beest heeft vanochtend pas het loodje gelegd. De soep in de hotpot bestaat uit twee delen, één normale bouillon voor mijn Chinese collega, die niet zo van de pepers is, en één spicy voor mij en mijn Japanse vriend.

Woordenchef-shanghai-beef-maag-of-long

Ingrediënten van vanavond zijn verschillende fijngesneden stukken van het rund. Lekkere stukjes rood vlees, die kennen we wel, maar ook lapjes tong, stukjes long, in stukken gesneden maag en wat delen van de staart, de penis sla ik beleefd af (ook ik heb grenzen). Het spektakel kan beginnen. Na ongeveer een half uur gutst het zweet nog net niet van mijn voorhoofd. Rechts naast me rollen er wat zweetdruppels van een Japanse neus. Op de één of andere manier kunnen we allebei niet stoppen met eten, de tintelingen en lichte pijnscheuten werken blijkbaar verslavend. Mijn Chinese collega merkt op, ‘het lijkt meer een gevecht dan een diner’. Vechten tegen de pepers, vechten tegen de tranen en vechten tegen de roes die dreigt te ontstaan.

Wij winnen, we winnen van de pepers. McSpicy, eindelijk.

Woordenchef-shanghai-spicy-soup

Eten verbroedert

Vandaag waren er wat opstartproblemen in de vroege ochtend. Opstaan ging niet van harte, al gaat dat zelden wel van harte, maar dat terzijde. De gang naar ontbijt zorgde niet voor enige eetlust en in de grote ontbijtzaal was het spitsuur.

Chaos in de ontbijtzaal

Nu ben ik op zijn zachtst gezegd al geen fan van enige drukte wanneer ik net opgestaan ben, laat staan de chaotische gewaarwording van een hotelontbijtzaal in China, waar men niet zozeer bekend staat om de rust en de structuur. Even slikken dus, maar goed, wel meteen wakker, er is zelfs wat adrenaline te bespeuren geloof ik. De eetlust is er nog steeds niet echt en dan zal eigenlijk tot aan het einde van beursdag nummertje twee zo blijven.

De keuze is reuze hier, een enorm buffet, maar verder dan een net iets te droog croissantje en een dim sum pakketje kom ik niet. Dat smaakte gisteravond toch beter. Op naar het mierennest dat beurs heet. Bezoekers vliegen je om de oren, vragen, geen vragen, beleefd buigen en knikken, visitekaartjes all over the place, ‘can I take picture’, ‘ja natuurlijk can you take picture’, en voor je het weet is het al lang en breed tijd om te lunchen. Volle maag van de flesjes water, te weinig drinken op zo’n dag is dodelijk (niet letterlijk, maar toch) is de eetlust nog steeds aan het rondzwerven elders in Shanghai.

Kwallen

Mijn collega haast zich om wat lunchpakketjes te halen, beetje rijst met een vleesmixje. Mijn tanden net niet stukgebeten op de stukken bot, het is bepaald geen bento. Maar goed, we kunnen er nog even een paar uur tegenaan. Een uitnodiging voor een diner valt de stand binnen, maar met het ontbijt en de lunch in gedachte, ga ik van het ergste uit.

Woordenchef-chinees-minipaling

 

Wat blijkt, doemdenken. Na een korte wandeling brengen onze gastheren ons naar een restaurant in een groot nieuw shopping center. Shanghai homestyle cooking zeggen ze, moeders recepten. Ik laat me graag verrassen geef ik aan, en zelfs vandaag is dat echt zo. De gerechten komen op tafel, geen idee wat het allemaal is, eerst proeven en dan pas vragen wat ik in mijn mond heb gestopt. Zoet en vet varkensvlees, wat rare vinloze minipalingen, stukken kwal, een pot kippensoep met een volledige kip erin, iets wat lijkt op soja en wat verdwaalde groente. Alles is even lekker, onze gastheren zijn ‘happy’ met mijn regelmatige ‘it’s very delicious’, en dat is dan ook meteen zo’n beetje het niveau van de Engelse conversaties deze avond. Een mix van Chinees en Japans voert de boventoon, maar dat geeft niet, we snappen elkaar. De taal van tafelen is blijkbaar universeel. ‘Burp’

International business

Donald Trump is voor mij een redelijk rode lap wanneer dit onderwerp wordt aangesneden. Met wie ik er ook over lijk te praten, op een redelijk normale discussie, zonder stemverheffingen, argumentloze losse flodders en niks zeggende filosofische uitleg is het eigenlijk nog nooit uitgedraaid. Zeker niet wanneer wanneer er de nodige Merlot of Cabernet Sauvignon in het spel was.

Hans Teeuwen

Blijkbaar waren er voor een gedegen opbouwende discussie met enkele invalshoeken vanuit andere delen van de wereld nodig. En wellicht werkten de Tsingtao biertjes hier ook wat aan mee. ‘Een Chinees, een Japanner en een Nederlander zitten in een bar…’ om een beetje de situatie te schetsen. Om het geheel compleet te maken staat die bar dus in China, in mijn hoofd niet per se de beste plaats om politiek te bespreken, laat staan te bekritiseren. Verkeerd gedacht. Niet alles wat geschreven staat is dus helemaal waar, iets wat Hans Teeuwen ooit het beste heeft uit proberen te leggen.

Dim Sum

De wereldse discussie is een goede afsluiter van de eerste dag kennis maken, handen schudden, buigingen maken, uitleg geven, struinen, en nog meer uitleggen hier in het Shanghai New International Expo Center. Een beurs is een beurs, maar een beurs in China is toch net weer anders. Niet in de laatste plaats omdat de dag wordt afgesloten met Dim Sum, verse Dim Sum. Niet in een pitoresk authentiek, geromantiseerd, stoffig en plakkerig tentje aan de rivier, waar een echtpaar van opgeteld 314 jaar iedere Dim Sum vers staat te vouwen en je je afvraagt of het wel echt varkensvlees is.

Woordenchef-vis-china-shanghai.jpg

Nee, dat niet. Wel supervers, wel authentiek, wel bijzondere ingrediënten en een volledige vis, wel sterke smaken, maar ook; in een ultramodern winkelcentrum, naast de H&M en de Starbucks en betalen met behulp van een tablet en een QR-code. Authentiek hoeft niet oud te zijn. De buurvrouw aan de tafel naast me laat een boertje, het was inderdaad lekker…

 

Varkensslokdarm en andere lekkernijen

Na mijn eerste ervaring met China twee jaar geleden, in wat achteraf bleek de stad van de pepers, Chongqing, dachten mijn hersens blijkbaar die lijn door te moeten zetten. Toen mijn collega’s hier ter plaatse de woorden van de ober vertaalden en me vroegen welke soort soep ik in mijn hot-pot wilde, antwoordde ik zonder nadenken (letterlijk) ‘spicy’. Blijkbaar is dat een trigger voor m’n brein, want ik heb de uitleg van de andere niet eens gehoord. Achteraf bleek er ook een ‘sauerkraut’ smaak soep te zijn, toen leek spicy opeens een goede keus.

Duitsers

Duitsers hebben hier blijkbaar de nodige invloed achtergelaten, ook het ‘local’ beer op de kaart, Tsingtao, blijkt na enige uitleg door mijn collega, ook een Duitse erfenis van ruim 100 jaar geleden te zijn. Het Reihnheitsgebot reikt blijkbaar ver. Mijn collega heeft om het Duitse tintje compleet te maken ook een link met onze Oosterburen. Hij heeft een aantal jaar in Berlijn gewoond en gestudeerd. Zo leer je nog eens wat aan tafel. Een tafel verderop wordt Duits gesproken, jawohl.

City of peppers

Goed, terug naar die hete hot-pot. Die blijkt na een eerste rondje langs het ingrediëntenbuffet bij mijn collega neergezet te zijn, want ‘only chinese people order spicy’ krijg ik uitgelegd. Nou, dat beloofd wat. Met enige spanning neem ik mijn eerste hapje van het dun gesneden rundvlees wat even heeft liggen pruttelen in de soep. Met de herinnering aan de city of peppers bereid ik me voor op een bezweet voorhoofd. Met enige teleurstelling moet ik vaststellen dat de kleine temperatuursteiging uitblijft en mijn acceptatieniveau voor spicy food blijkbaar wat verder ontwikkeld is dat twee jaar geleden. Tenminste dat denk ik dan, we zijn hier immers niet in Chongqing, maar in Shanghai.

Woordenchef-china-garnaal

Magen

Ow, die varkensslokdarm, tenminste dat was de uitleg van mijn tafelgenoten, die heb ik natuurlijk alleen gegeten om daar een mooie titel van te kunnen maken. Het zal iets te maken hebben met de ‘niks verspillen’ instelling hier, maar dat taaie stukje vlees, kraakbeen, hoe je het ook noemt, voegde niet echt iets toe aan de maaltijd. Mijn collega op rechts wil wat in repen gesneden maag in mijn pannetje mikken, maar deze sla ik beleefd af. Genoeg training van mijn eigen maag voor vandaag.

Breakfast before flying

Vandaag staat weer in het teken van reizen, deze keer geen Shinkansen, maar een vliegtuig. Een vlucht naar Shanghai, China, de laatste bestemming van deze trip. Voor dit zover is, staan er eerst nog wat lokale treinen op het programma. Een goed ontbijt is dus geen overbodige luxe.\

Nuchtere Hollandse maag

Gelukkig wordt er in Japanse hotels vaak een goed, gevarieerd en uitgebreid ontbijt geserveerd. De eerste keren dat ik hier was, verbaasde ik me soms nog over de zaken die mensen hier op de vroege ochtend allemaal verorberen. Ik had toen niet meteen het idee dat mijn nuchtere Hollandse maag dit allemaal zou verdragen. Gelukkig zijn ze ook niet vies van wat invloeden uit ons deeltje van de wereld en combineren dit naar hartelust met hun eigen culinaire historie.

Variatie dus. Dat betekent hier niet zoveel mogelijk van alles op één net iets te klein bordje stapelen (je zou eens wat tekort te komen…), maar kleine porties, soms miniscule porties van verschillende gerechten tentoongesteld op een bordje wat ook meteen duidelijk maakt wat de bedoeling is; portioneren en varieren.

Koffie

Vis, vlees, ei, een Europees broodje, een kommetje rijst met granen en zeewier en een kleine salade. Zo ziet een ontbijtje er hier ongeveer uit. Het mijne inmiddels dus ook. Vaak ook nog een klein soepje en wat mixjes van rauwe eieren met gekke superfoods. Nu heb ik mijn smaak een aardig eind verlegd, maar zo’n slijmerig ei-mixje en de sterke Miso-soep zijn nog geen standaard onderdeel van mijn eigen ontbijt hier.

Glaasje jus d’orange en uiteraard, onmisbaar; koffie. Zonder koffie wordt er niet gevlogen. Op naar China.

Woordenchef-tokyo-to-shanghai

Bento

Alles gaat hier snel, iedereen is constant in beweging. Constant ergens naartoe op weg, het lijkt een gigantisch mierennest, waar je ook komt. Van A naar B, weer terug naar A, of van B nog heel even snel naar C. Als één massa. Waar haasten er bij ons in Nederland nogal eens voor zorgt dat we een maaltijd overslaan, of vervangen wordt door een Snickers of een banaan, gebeurt dat hier vrijwel nooit.

Snelle maaltijd

Waar je ook bent, een overvolle metro, een stationspleintje, een bankje in een park, of de gangen van een groot beursgebouw. Je ziet overal mensen die even de tijd nemen om een kleine, maar snelle maaltijd naar binnen te werken. Ok, het duurt meestal niet lang, en soms ziet het er ook echt uit als naar binnen werken, maar toch.

Men komt even tot rust, neemt even een kleine adempauze, altijd zitten, nooit lopend zoals wij nog weleens willen doen. Lopend eten, één van de dingen waar ik met recht een hekel aan heb. Hier dus niet, dat komt ook vooral omdat je overal wel ergens een openbare zitplaats kunt vinden, openbare toiletten ook trouwens, maar dat is een ander verhaal.

Tankstations

Zittende, etende mensen dus, vaak alleen, soms samen, heel soms in een groep. Hebben die dan een mooie broodtrommel in hun tas zitten? Nee. Iedereen gaat hier van huis zonder eten. Nou ja, dat is een aanname, maar in ieder geval het overgrote gedeelte. Dat kan ook niet anders gezien het bestaansrecht van ontelbare kleine restaurantjes of beter gezecht, maaltijdverkopers, brandstofverkopers, eigenlijk kleine tankstations.

Bento is hier het toverwoord. Een met zorg samengestelde en vaak een als cadeautje verpakte kleine box, die een keur aan smaken bevat, zodat alle zintuigen weer even wakker worden en er weer een uurtje of twee tegenaan kunnen. Je koopt ze bij de 7-elevens op iedere straathoek, de kiosken op de stations of de echte juweeltjes bij de gespecialieerde bento-kraampjes.

Woordenchef-tokyo-bento-rijst-varken

Er was een klein gokje nodig gebaseerd op de verpakking, ik zag een varkentje. ‘Doe mij die maar…’ Het bleek een goede keus. Wat vlees, in twee vormen, een stukje vis, een stukje omelet, wat zuurtjes, de nodige smaakversterkers los verpakt, soja, azijn en een mosterdachtig goedje en uiteraard rijst, altijd rijst. Alle smaken komen voorbij, alle vijf. Stokjes zijn meeverpakt, geen enkel probleem.

De Bento, een fenomeen. Maar wij hebben de Febo, dat dan weer wel!

Slurpen in sneltreinvaart

Na een audientie op het Consulaat der Nederlanden in Osaka is het tijd om koers te zetten naar de volgende halte, Tokyo. Met een van de vele metrolijnen gaan we naar Shin-Osaka station, van waar ik, zonder mijn Japanse vriend, doorreis naar Tokyo. Ik kan dus nog een keer gebruik maken van enige zekerheid omtrent eten bestellen bij koks die niet zo goed Engels kunnen.

Iets met sojasaus

In het station, bij één van de vele eettentjes, bestellen we wat op een automaat en er rolt netjes een kaartje uit. De bestelpalen van McDonald’s bestaan hier al tientallen jaren. In de keuken staan vier mannen met een handdoek om hun hoofd dampend hete noodles te maken. Mijn kommetje wordt iets met sojasaus heb ik vernomen. We moeten even staand wachten, want het is immer lunchtijd, dus alle plaatjes aan de lage baropstelling zijn voorlopig even bezet door andere pakken zoals wij. Uiteraard allemaal netjes met stropdas, ik val meteen uit de toon.

Spetteren

Na een minuutje wachten worden we door één van de twee vriendelijke dames een plaatjes gewezen en een glaasje koud water voorgezet. Al snel arriveert de kom met lekkers en is het slurpen geblazen. Slurpen met behulp van een grote porseleinen lepel en stokjes. Het gaat me steeds beter af, maar bij iedere poging een hap naar binnen te zuigen denk ik aan mij overhemd en de rondspetterende sojasoep. De schade valt mee achteraf, drie kleine vlekjes, die net genoeg opvallen om er blij om te zijn dat er verder geen afspraken op de agenda staan. Een stropdas was hier zeker gesneuveld.

 

Woordenchef-osaka-shinkansen.jpg

 

In dezelfde snelheid als dat we de noodles naar binnen hebben gewerkt, lang tafelen is hier alleen iets voor ’s avonds, in gezelschap, met bier, of saké. Op andere momenten is eten alleen functioneel. Net als alles hier ultiem functioneel is. Met een snelheid van ongeveer 300 kilometer per uur, raast het landschap tussen Osaka en Tokyo aan me voorbij. De shinkansen brengt me veilig op de volgende bestemming.

Tokyo. Waar alles zo gehaast is dat het rustgevend wordt.

 

Vis van de dag

Vis bestellen in een restuarant is niet het makkelijkste wat er bestaat. Vis is een bijzonder product. Vis van de dag is vaak een speciaal item op het menu. Een item wat afhangt van wat de vissers hebben binnengehaald vandaag (of gisteren). Vaak zijn dit niet de geijkte horecavisjes als zalm of kabeljauw, en al helemaal niet de gekeweekte antibioticabommetjes zoals tilapia of pangasius.

Nu is het al lastig als je de kaart kunt lezen en je de ober die uitleg geeft over wat er in het net is blijven hangen een beetje kunt verstaan. Het wordt pas echt een uitdaging als de kaart er zo uitziet als hier boven. Wanneer de vangst vaak nog wat ronddobbert in een aquarium en de allevriendelijkste bediening na hun diepste buiging net het woord ‘fish’ over hun lippen kan krijgen.

 

Woordenchef-japan-vis-sashimi.jpg

 

Het was dan ook een groot gokspel geworden, ware het niet dat ik in de luxe verkeerde dat mijn tafelgenoot, en collega, hier geboren is, hier woont en hier werkt. Kortom, hij is in alles Japans. Best handig als je wat te eten wilt bestellen in die taal. Hij vraagt me waar ik zin in heb. Geen idee, ik zeg ‘verras me maar’, zoals eigenlijk altijd als ik hier ben. En iedere keer is het weer anders. De sashimi van de chef, de moriawase, is overal inderdaad de sashimi van de chef, nooit hetzelfde. Een stuk tonijn en een stuk octopus is er eigenlijk altijd wel te bespeuren, maar verder laat het zich raden.

 

IMG_1133.JPG

 

De soort vis ook niet de belangrijkste graadmeter, de versheid, die er hier vaak vanaf druipt, wel. Vandaag hebben we geluk, de vis heeft volgens mij vrij recent het loodje gelegd, want alle stukken smelten op de tong. Klein beetje kikkoman (de original) en verse wasabi maken het geheel af. Verder wordt de tafel volgezet met andere visjes op verschillende manieren bereid, in tempura, met kop en staart, van de grill of als eitjes verwerkt in een omeletje. Ze zwemmen weer verder in Saké en bier.

Japan, het begint al aardig als thuiskomen te voelen.

Mind your step

Ergens tussen Geldermalsen en Culemborg komt het besef dat ik ook deze keer toch echt wat vergeten ben. Iedere reis is het vaste prik, gelukkig nooit dingen die van levensbelang zijn, zoals paspoort op portemonnee. Maar toch, terwijl de trein richting Utrecht Centraal gaat, komt het besef dat er geen stropdassen in de koffer zijn verdwenen.

Zijderoute

Geen halszaak (sorry, flauw), maar voor het doeleinde van de reis toch redelijk essentieel. Dat wordt dus op stropdassenjacht op één van de vier vliegvelden de komende dagen, of in de plaatselijke H&M in Osaka, Tokyo of Shanghai. Gelukkig blijkt uit eerdere ervaring dat die wereldwijde modeconcerns weinig tot niets verschillen van de zaken die wij hier kennen, zelfs die in Tiel komt aardig overeen. Een fijn stropdasje moet daar dus prima te scoren zijn. Trouwens, kwam het zijde niet uit het Oosten?

Hollandse boterham

Bestemming vanaf Utrecht is Schiphol, en in de Intercity komt pas de rust weer wat terug. Het hoofd stond toch nog op staandje haasten vanochtend. Geen ontbijt, geen besef dat er gegeten moest worden, een bakkie koffie is volgens mij nog net gelukt. Eerste bestemming op Schiphol is dus de Amsterdam Bread Company, voor een goede laatste Hollandse boterham. Met een lege maag het vliegtuig in is niet het beste idee.

 

Woordenchef-mindyourstep-klm-osaka-schiphol

 

Met de boterham in de maag wordt koers gezet naar de juiste gate, een gate die al redelijk vertrouwd begint te worden. Een gate met Japanse toeristen die nog even de laatste mogelijkheid aangrijpen om foto’s te maken van de vertrekplaats. Een gate met mensen zoals ik, alleen, met allerlei vormen laptop- en aktetassen. En vrienden, die samen richting het onbekende vliegen met een Lonely planet boek en een rugtas. En stellen, stellen die samen op avontuur gaan. Zoals ik eerder dit jaar op avontuur ging als de helft van een stel. Als team. Alles komt terug, mooie herinneringen. Het avontuur duurt voort, alweer een paar hoofstukken verder. Gelukkig niet alleen, maar als team.

After dinner dip

Koken had vandaag niet de voorkeur. Na een wat haastige dag, ellenlange checklistjes opdreunen in mijn hoofd, maar ook op papier en vooruit, ook nog wat digitale. ‘Vergeet ik echt niks?’ ‘Heb ik alles verstuurd of ingepakt?’ ‘Is alles wat ik beloofd heb gedaan?’ Goed, het waren ongeveer een uur of acht, negen misschien, net zoveel als de meeste andere dagen.

Photo by Antonino Visalli on Unsplash

Osaka, Tokyo & Shanghai

Toch voelde deze dag als een paar dagen ineen, maar dan niet op een vervelende manier. Inmiddels weet ik dat een dag voor vertrek naar een tijdje in het buitenland werken er altijd zo ongeveer uitziet, dus het voelt zelfs een klein beetje vertrouwd. Morgen staat er een vlucht van twaalf uur op het programma richting Osaka en via een tussenstop in Tokyo zaterdag, gaat de reis zondag verder richting Shanghai.

Anderhalve week deze keer, wat langer dan de ‘standaard’ werkreis. Door alle gedachtes omtrent deze reis, niet echt een goed avondmaal kunnen bedenken. Normaal schiet dat wel ergens te binnen, maar vanavond niet. Het voelt toch een beetje als een klein afscheid, tijdelijk dan, en daar hoort dan iets speciaals bij. Een reden om af te wijken van de standaard, een reden om iets lekkers te halen. Een reden om de avond speciaal te maken.

Vlees

Wat dan, is hier de vraag? De keus valt op een Griekse vleesmix van de afhaaladonis, maar deze blijkt dicht te zijn. Het is immers dinsdag en we wonen niet in Amsterdam. Tweede keus dan maar, spareribs. Alhoewel sommige het als heiligschennis zullen beschouwen wanneer ik spareribs als tweede keus bestempel. Gelukkig is deze wel open vandaag en we kunnen het binnen tien minuten ophalen. Maak daar maar twinting minuten van, we moeten eerst nog naar de Praxis om twee rollen kippengaas te halen. De zaken gaan immers gewoon door, Verre Oosten of niet, en er is veel korting te verdienen deze week!

Kippengaas ingelaaien, spareribs opgepikt en voor de tv, op de grond, voorzien van een uiteindelijk slapend been naar binnen gewerkt. Een portie vlees voor één persoon, ook geschikt voor twee personen zorgt voor een pittige after dinner dip en een dutje van een kwartiertje. Het was een andere avond dan normaal, aanstaand afscheid, ook al is het maar ruim een week, valt toch altijd een beetje zwaar. De spareribs ook.