Tegenover me zitten broer en zus te hannesen met klei. Ze rollen, steken vormpjes uit, vegen ongemerkt lege potjes met hun arm van tafel. Ze zitten vandaag naast elkaar, onder de belofte dat ze naar elkaar luisteren en van elkaar accepteren dat één van hen bepaalde dingen misschien wat minder leuk vindt dan de ander. In andere woorden: nee is nee en ik ga geen scheidsrechter spelen. Tot nu toe gaat het goed. Het is waarschijnlijk te hoopvol om te denken dat ze dit volhouden tot ik dit stuk helemaal af heb. Ik laat deze twee ongepolijste mensjes graag meebeslissen over wat dan ook. We voeren gesprekken over waarom iets wel of niet een goed idee is. Het concept eerlijk is op dit moment een hot topic bij de drie- en de vierjarige. Een groen plastic schaartje om slierten klei mee te knippen gaat van hand tot hand. Er is er maar eentje van, dus moet er gedeeld worden.
Ik heb nog niet als mediator op hoeven treden. Hun oplossend vermogen groeit met de dag. Al lijkt dat in de situaties die ze gebruiken om, laten we zeggen: te oefenen, niet altijd het geval. Mijn geduld wordt daarin altijd danig op de proef gesteld. Je zou dus kunnen zeggen dat ik in die situaties, die discussies, die gesprekjes die niet zelden uitmonden in schreeuwen, gillen, wegrennen, huilen, of meestal een combinatie van al het hiervoor genoemde, mij danig uitgetest wordt om de toch ergens aanwezige autoritaire tiran te onderdrukken. Het voelt niet zelden tegennatuurlijk om de macht over ons kleine koninkrijk doelbewust te willen delen met dit volk. Deze nieuwe generatie burgers waarvan ik hoop dat ze wat beter hun best doen dan de huidige generaties en niet teveel last hebben van het zooitje dat die er op dit moment vaak van maken. Je hoeft de kranten maar open te slaan, social media aan te slingeren, of de radio af te stemmen op een zender waar er zo nu en dan een nieuwsbulletin voorbijkomt (ja, ik ben van zo’n generatie) of er is wel een discutabele politieke transfer of bestuurlijke afrekening te vinden. Vaak meerdere tegelijk.
Toch is dat het zooitje wat ik graag omarm. Waar ik graag vanaf de zijlijn kritiek op uit. Dingen over roep. Af en toe in een opwelling zelfs denk ooit onderdeel van uit te moeten willen maken. We leven in de luxe de aanwezigheid, het functioneren én alle oneffenheden van een democratie dagelijks voor lief te nemen en onze deelname eraan te beperken tot het af en toe aankruisen van een hokje op een stembiljet en bij een hogere mate van betrokkenheid tot wat geschreeuw op de (a)sociale media. De kleine kleiers hier nog steeds tegenover me hebben inmiddels het besef (aangeboren?) dat de dagen het fijnst zijn als die voor iedereen binnen de landsgrenzen zo optimaal mogelijk verlopen. Lees: wanneer papa of mama niet hoeven op te treden als amateur-dictators en alle zorgvuldig geopende deurtjes, tot stand gebrachte allianties en gemaakte afspraken plotsklaps als sneeuw voor de zon voor zeker een uur of twee verdwijnen, alvorens ze weer met juiste toenaderingen, aftastingen, rituele dansen, een aantal mea culpa’s, en een sporadisch geschenk weer opnieuw opgetuigd worden. Uit liefde voor elkaar en uit liefde voor de onderlinge optimale verstandhouding waarin iedereen wat te zeggen heeft.
Deze week sloeg ik Alkibiades van Ilja Leonard Pfeiffer dicht nadat ik dit de afgelopen drie maanden met me mee heb gezeuld. Het omvangrijke boek over de Atheense held die op wonderlijke wijze strijd leverde voor de democratie van zijn Athene ongeveer 2.500 jaar geleden. Een wervelend epos met een duizelingwekkende reeks aan namen, verstandhoudingen, liefde en verraad wat tijdens het lezen meermaals opschakelt in tempo. Nu wil ik deze held niet een-op-een vergelijken met de driejarige kleistrijder, die door een woordenwisseling over het opruimen van de klei net zijn bondgenootschap met mij heeft opgezegd om samen met zijn vierjarige zus een alliantie op te tuigen en toenadering te zoeken tot de tweede volwassene in dit koninkrijk waarvan ze weten dat die op het punt van ontwaken staat op deze lome zondagochtend, maar volgens mij is iedereen een beetje Alkibiades. En dat lijkt me een goede zaak. Lees dat boek wanneer je iets van de geschiedenis wilt begrijpen, maar vooral wanneer je iets van vandaag wilt begrijpen. En: wanneer je iets van jezelf wilt begrijpen.