#280 Japanse rijsttafel

Ik heb vanaf nu besloten dat de ingelaste rustdag één van de twee weekenddagen mag zijn en niet per definitie op zondag hoeft plaats te vinden. Dit omdat ik merk dat dit soms nu eenmaal beter uitkomt. Zo ook deze week. Gisterenavond was er weinig animo meer om nog uit te weiden over het diner van die avond, laat staan over de rest van de dag. Ons bed lonkte veel meer dan de laptop.

Inmiddels is de zondag, die aardig in de buurt komt van hoe zondagen horen te zijn alweer een aardig eindje op weg. Het grootste gedeelte van ochtend is opgegaan aan een aardige discussie over het al dan niet vaccineren van jonge kinderen en de standpunten van een aantal jonge en toekomstige vaders daarin. Meestal zijn de onderwerpen in de groeps-app wat luchtiger, maar zo nu en dan worden serieuze onderwerpen ook niet geschuwd. Mijn standpunt in deze actuele discussie heb ik hier al eerder kenbaar gemaakt en is ongewijzigd.

Na dit zondagochtend-debat heb ik voor het eerst sinds lange tijd weer meer dan tien kilometer op een aardig tempo uit mezelf weten te persen en dat voelt nog steeds als een overwinning. Niet te overmoedig worden nu, morgen zal alles wel weer zeer doen en ga ik er vanuit dat een rondje van vijf kilometer aanvoelt als eentje van twintig.

De sous-chef is de laatste tijd druk doende met het archiveren van haar foto’s en merkte luchtig op dat ik vijf jaar geleden toch een minder dikke kop had dan nu. Ze zei het waarschijnlijk iets aardiger, maar dat is wat ik hoorde. Ik ben het er mee eens, en aangezien ik de Westmalle Dubbel die hier nu naast de laptop staat graag soldaat blijf maken, en dat ik mezelf graag te buiten ga aan overcomplete Japanse diners zoals gisteravond, zit er niet veel meer op dan de frequentie hardlopen weer terug te brengen naar een acceptabel niveau.

Over dat Japanse diner had ik graag wat uitgebreider geschreven, over de verse mais-viskoekjes met kabeljauw, de ebiburger van garnalen, de smaaksensatie van de zoet-zure varkensvleesschotel, de gebakken rijst, de verse tempura-groenten en zoetpittige dipsaus en de gembergehaktballetjes in een saus op basis van soja en sake. Over de sake zelf en over de watermeloen als toetje. Waar overigens niks Japans aan is, maar zeer welkom na al die umami-explosies.

Ik krijg er honger van en gelukkig staat de koelkast nog vol met restjes. Maar nu eerst terug naar Japan, tijd voor een artikel voor Tokyo.nl over een plaats die we vorig jaar hebben aangedaan tijdens onze reis. Koya-san, waarschijnlijk de meest mystieke plaats waar we tijdens die weken beland zijn.

Geef een reactie