De PVV van Geert Wilders heeft deze week de verkiezingen gewonnen. Dat heeft iets in mij aangewakkerd. Ik lag al wakker van alles wat extreem rechts is en naar facisme helt, en nu helemaal. Ooit las ik al ‘Tovenaarsleerling’ van Meindert Fennema, wat ik leende bij de Bibliotheek. Dat boek heb ik daags na de verkiezingen samen met vier andere boeken over Geert Wilders en zijn PVV nu besteld om in de eigen boekenkast te zetten en te kunnen raadplegen wanneer nodig. Want ik ben bang dat het nodig zal zijn.
De eerste van de vijf is ‘Undercover bij de PVV’ van Karen Geurtsen en Boudewijn Geels. Een boek van ruim tien jaar oud inmiddels wat een zeldzaam, of misschien wel het enige, inkijkje geeft achter de schermen van de partij van leider Geert Wilders. In ‘Tovenaarsleerling’ werd het me al duidelijk dat Geert alleen Geert is en zijn PVV in het teken staat van hem en zijn wil alleen. Niks gaat eruit zonder zijn goedkeuring en alles is verder in nevelen gehuld. Hij is het enige lid en de financiën komen van een stichting waarin niemand verder inzage heeft. Dat beeld wordt in ‘Undercover bij de PVV’ alleen maar sterker. In die tijd, het is 2010, heeft de PVV 9 kamerzetels, ingevuld door een ratjetoe aan loyalisten aan Geert. We herkennen Fleur Agema en Dion Graus, ook nu nog actief. En Richard de Mos, die later voor zichzelf begon in Den Haag. Ook toen zweefde de PVV al virtueel als grootste partij van Nederland in de continue peilingen. Deze week is dat dus waarheid geworden. Karen, haar echte naam, houdt ons in dagboekvorm de wereld van de PVV fractie met kamerleden, medewerkers en stagiaires voor. Een tamelijk amateuristisch wereldje waarin kamervergaderingen worden voorbereid en stapels stukken worden gekopieerd en vooral niet met de pers wordt gepraat. Een wereldje van einzelgangers die vanuit een ultieme bubbel het bespelen van de publieke opinie vanuit de onderbuik tot kunst heeft verheven. Een wereld van Senseo-koffie en een eindeloze stroom sms-jes van een verder veelal onzichtbare Geert.
Eigenlijk is het boekje niet echt spannend, of vol grote individuele ontdekkingen, maar die disclaimer gaf Karen vooraf zelf ook al. Het is vooral een inzicht dat de hermetisch van de rest van de Tweede Kamerfracties afgesloten PVV vleugel (vanwege de zware beveiliging van Geert, maar dat lijkt niet bepaald slecht uit te komen) er volledig op is ingericht om zoveel en zo snel mogelijk te scoren in de media met eigenlijk wat dan ook. Alleen op de interne partij struggles lijkt een taboe te liggen. Voor de rest is het goedkoop scoren zonder inhoud, wat bij monde van de fractiemedewerkers en kamerleden ook zonder gêne wordt bevestigd. Het beeld van Geert, die zich terugtrekt in zijn werkkamer om alleen zo nu en dan zijn loyale medewerkers op te roepen en instructies te geven, laat goed zien hoe paranoïde de wereld van de totalitaire leider is. Hij bemoeit zich overal mee, tot aan het kopiëren van de paspoorten van mogelijk nieuwe gemeenteraadsleden die een dagje op training zijn.
Ook met de fanschare van de partij (ik zie het toch steeds meer als ‘fans’ dan als goed geïnformeerde kiezers) neemt de club het niet zo nauw. Ze praten over hun electoraat als ‘Je weet wat voor intellectuele achterban we hebben, maar niet heus!’ Of het tactvolle ‘Mee naar een partijbijeenkomst? Mij niet gezien. Een beetje tussen die idioten rondlopen zeker?’ Het beeld wat deze week in veel media wordt geschetst van een partij die in tegenstelling tot andere partijen wél het beste voor heeft met het electoraat en er tenminste nog graag tussen staat, gaat dus niet helemaal op. Het is weliswaar tien jaar geleden, maar veel spelers van toen zijn ook nu te vinden in de kamerfractie en de PVV is niet bepaald van structuur veranderd. Geerts wil is nog steeds het enige wat telt. De rest volgt gedwee. Alles is gericht op het goedkoop scoren, met als enig doel de invloed en macht van Geert vergroten. Dus in zijn relatieve saaiheid en gedateerdheid draagt dit boekje wel degelijk bij aan mijn beeld van Geert Wilders als holle inhoudsloze machtspoliticus die zijn talent, wat hij onmiskenbaar heeft, alleen inzet om zijn eigen macht en greep op de nationale politiek te verstevigen over de ruggen van iedereen, inclusief zijn eigen fanbase. En dat die fanbase nu groeit en groeit, zonder zich druk te maken over welke inhoud dan ook, is zorgelijk. Daar is namelijk een naam voor: facisme.
Boek:
Undercover bij de PVV – Karen Geurtsen en Boudewijn Geels – 2010
Achter de schermen bij de politieke partij van Geert Wilders