Terwijl we de deur uit stapten bij onze gastheer en gastvrouw van gisteravond, had ik grote moeite om het aantal lege flesjes bier wat ik vanuit mijn ooghoek op het aanrecht zag staan te tellen. Die hoeveelheid was een extra bevestiging van het feit dat het een gezellige avond was geweest. Inmiddels was de vrijdag ook al ruimschoots overgegaan in zaterdag, en bij thuiskomst had mijn hoofd alleen aandacht voor het bed, en zeker niet meer voor een laptop.
De avond in Kerk-Avezaath speelde zich af rondom een voor mij, en ook voor de sous-chef, nieuw fenomeen. Het had iets weg van andere ultiem Hollandse taferelen die je gebruikt wanneer je aan iemand die een andere taal spreekt probeert uit te leggen wat het woord ‘gezellig’ nu eigenlijk betekent. De taferelen die men dan vaak aanhaalt zijn gourmetten, met kerst, of fonduen, ook met kerst.
Nu stond er voor ons op tafel echter iets wat leek op een pizza-oven. Dat was het eigenlijk ook, maar dan in gourmetstelformaat. Ik weet niet of dat een bestaand Nederlands woord is; gourmetstelformaat, maar in dit geval is het denk ik de beste omschrijving. Om de mini-steenoven heen staan schaaltjes met de ingrediënten die je op een pizza verwacht en tevens een bord met opgestapelde miniatuur-pizzabodems.
De oven gaat aan en het is pizza beleggen en bakken geblazen. De ene variant na de ander, afgewisseld met levensbeschouwingen, biertjes, ervaringen van eerdere mini-pizza-avonturen, herinneringen aan een vlooienmarkt en een vooruitblik op een andere. Voor een toetje is bij mij geen plek meer, doe nog maar een biertje, en nog één, en vooruit de állerlaatste dan.
Pizzarette, een mooie toevoeging aan de definitie van het Nederlandse begrip ‘gezelligheid’.