Morgenochtend krijgen we bezoek. Ik begin daarom iets later aan mijn werkdag, maar vanwege een redelijk dichtbij komend evenementje zal ik de verloren uurtjes aan het einde van de dag al wel weer inhalen om enige stress te voorkomen. Belangrijk bezoek, althans, zo zie ik het voor me. Wat ik er nu helemaal van moet verwachten weet ik niet, maar ik neem het uiterst serieus.
Degene die ons straks medio oktober komt helpen tijdens de eerste week in onze nieuwe wereld, komt morgen vast kennis maken. Of nou ja, waarschijnlijk niet diegene zelf, maar een vertegenwoordiger van de organisatie waar ze voor werkt. Die organisatie hebben we overigens zelf uitgekozen, na enkele gerichte tips van onze betrouwbare insider in die wereld. Ik schat zo in dat deze kraamhulporganisatie, want daar heb ik het over, even komt checken of we niet onverhoopt enkele hoogspanningskabels of treinrails door het kamertje van onze kleine meid hebben lopen.
Of om maar iets te noemen; dat we er de gewoonte van maken een kleine 118 geiten groot te brengen in onze woonkamer. Ik maak er natuurlijk een geintje van nu, maar ik kan me zo voorstellen dat deze vakmensen de gekste dingen meemaken en op plaatsen terecht komen waar ze eigenlijk liever überhaupt niet naar binnen gaan, laat staan dat ze normaal hun werk kunnen uitvoeren. Ik zie deze kraamhulp voor me als een soort Yoda, een Dalai Lama in het veld van babykunde voor gevorderden. Ik hoop veel van deze verhevene te leren.
Misschien is dit een gevalletje van overschatting, maar dat denk ik eigenlijk niet. De kamer van de kleine meid is in ieder geval voor het grootste gedeelte gereed (credits aan de sous-chef en de meesterklusser), dat scheelt alvast de eerste berisping, of nog erger, de eerste bedenkelijke blik.