Het was vandaag niet zo warm zoals de rest van de week, althans zo leek het vanochtend vroeg. De ochtendzon was al vroeg aanwezig toen ik door verlaten straten in Tiel richting mijn werk fietste. Terwijl ik op de fiets zat, voelde het alsof er een klein briesje te voelen was, maar dat was waarschijnlijk alleen maar de lucht die ik verplaatste omdat ik zelf bewoog. Eénmaal tot stilstand bij stoplichten en uiteindelijk het fietsenhok annex rookhut kwamen de zweetdruppeltjes al snel tevoorschijn. Van lange duur is dit echter niet, aangezien het ingenieuze klimaatbeheersysteem eindelijk lijkt te doen wat het hoort te doen en daarin soms zelfs iets lijkt te overdrijven.
In de kantoren is het lekker koel en mijn lichaamtemperatuur zakt snel weer wat terug. Ik ben tijdlang de enige in mijn kantoor, en soms is dat heerlijk. Dat half uurtje, want langer is het niet, waarin je soms meer lijkt te kunnen doen dan in ieder ander half uur. De dag vliegt voorbij, gelukkig heb ik mezelf redelijk aan het voornemen kunnen houden om goed te blijven eten en te drinken. Er was zelfs een verdwaald overgebleven pistoletje als kers op de taart. Als laatste gaat er een bakje met een aantal gesneden tomaten en een paprika naar binnen en ik denk dat ik er wel klaar voor ben.
De fiets weer op, inmiddels was de temperatuur toch flink op gelopen en bij de volgende bestemming van deze dag waren de zweetdruppeltjes weer op mijn voorhoofd en rug te vinden toen ik afstapte. Binnen even snel een formulier invullen, wat drinken en ik kan het mobielie aftapcentrum in. Als eerste even de vragenlijst doorlopen, bloedruk meten, hb-waarde peilen en ik doe zeker vijf minuten om op te rakelen welke landen buiten Europa ik de laatste twaalf maanden allemaal bezocht heb.
Dan mag ik plaatsnemen op een van de stoelen, krijg een kek-sleutehangertje omdat het de eerste keer is (twee eerdere mogelijkheden zijn mislukt vanwege verblijf elders op de wereld) en de naald mag er in. Dat gaat prima, maar al snel krijg ik het warm. Nu had ik dat op de fiets ook al, maar dit voelt anders. ‘Niet piepen’, zeg ik tegen mezelf. Op een gegeven moment wordt het rumoer in de ruimte een stuk minder en lijkt het licht een stukje feller te worden. Wanneer mijn linkeroor helemaal geen geluiden meer waar lijken te nemen en mijn beeldbuis steeds lichtgeler beeld weer begint te geven, vraag ik me af of dit erbij hoort. Wanneer één van de bloedzusters opeens twijfelend mijn kant op kijkt en zichtbaar aan een andere lijkt te vragen ‘gaat het daar wel goed’, heb ik door dat het over mij gaat. Ze stellen de vraag nu aan mij direct en ik antwoord ‘Nee het gaat wel’.
‘Zo ziet het er anders niet uit!’ is het antwoord en besloten wordt de tapsessie te staken, mijn stoeltje wordt achterover gekieperd, voel een nat doekje op mijn voorhoofd, krijg een stroopwafel in mijn handen geduwd en krijg het commando even rustig aan te doen. Gelukkig is de zak al wel zo goed als gevuld en gaat er een halve liter rode vloeistof naar een nieuwe eigenaar. In etappes mag de stoel weer terug in de normale positie en ik word uiteindelijk vrijgelaten. Mits ik beloof nog even wat te drinken bij de aanmeldpost. Dat doe ik dan ook maar en schuif ook meteen nog maar een stroopwafel, een roze koek en een andersoortige fabriekskoek naar binnen, ik zit er nu toch.
De volgende keer iets meer eten vooraf, dat moet geen probleem zijn.