#191 Rondje Avezaath

De sous-chef is naar een cursus vanavond. Een nieuwe cursus, morgen weer overigens, weliswaar een andere en dan is er wel tijd om samen te eten. Dat was er vandaag dus niet. Nu komt dit wel vaker voor en volgt er dan vaak een verhaaltje over vissticks, maar zo niet deze keer.

Deze keer heb ik geen zin om voor mezelf te koken, of zelfs maar iets op te warmen. Gisteren wordt er dus contact gezocht met een andere keuken. Een keuken die staat in Kerk-Avezaath. Een keuken waar ik vroeger mijn vissticks al bakte. Toen ik thuiskwam uit school. Of mijn eitjes, in het weekend. Waar ik ooit mijn eerste volledige diner in elkaar flanste bij wijze van een opdracht voor maatschappijleer. Bestaat dat vak nog, maatschappijleer?

Die keuken, ooit een keer verplaatst naar een andere, nieuwe plaats in het huis, heeft mij vaak zien thuiskomen. ’s Nachts, ’s ochtends, ’s avonds, vaak was de koelkast het eerste doelwit na thuiskomst. Even kijken wat er allemaal nog te snaaien viel. Een goede tweede was de kelderkast. De eigenaren van deze keuken, koelkast en kelderkast zijn de mensen die ik al ruim 30 jaar mijn ouders noem. Mijn moeder is vanavond de chef en ik kan zo aanschuiven. Op de weg er naartoe snel nog de leenfiets omwisselen voor mijn eigen fiets.

Het menu bestaat uit witlof uit de oven met ham en kaas, aardappelpuree, een lekkere zelfgemaakte burger en een bakje vanillevla met aardbeienjam en slagroom als toetje. Vooral dat laatste is lang geleden. Heerlijk. Nog een kop koffie en we kunnen er weer tegenaan. Nog even snel een deurtje verder, naar iemand die ik ooit kende als mijn schoonmoeder, maar nu vooral nog als mijn kapper en gewoon als fijn mens.

Kerk-Avezaath, waar het altijd voelt als thuiskomen.